Nederlandse wetgeving

Titel 14

geldend

Het gezag over minderjarige kinderen

Burgerlijk Wetboek — Boek 1 (Burgerlijk Wetboek Boek 1) · Artikelen: 191

Afdeling 1

Algemeen

1:245 Artikel 1:245

Minderjarigen staan onder gezag.

gecontroleerd
1:246 Artikel 1:246

Onbevoegd tot het gezag zijn minderjarigen, zij die onder curatele zijn gesteld en zij wier geestvermogens zodanig zijn gestoord, dat zij in de…

gecontroleerd
1:246a Artikel 1:246a vervallen
1:247 Artikel 1:247

Het ouderlijk gezag omvat de plicht en het recht van de ouder zijn minderjarig kind te verzorgen en op te voeden.

gecontroleerd
1:247a Artikel 1:247a

Indien de ouders het gezag gezamenlijk uitoefenen op grond van artikel 251b, eerste lid, of een aantekening als bedoeld in artikel 252, eerste lid…

gecontroleerd
1:248 Artikel 1:248

Het tweede lid van artikel 247 van dit boek is van overeenkomstige toepassing op de voogd en op degene die een minderjarige verzorgt en opvoedt…

gecontroleerd
1:249 Artikel 1:249

De minderjarige dient rekening te houden met de aan de ouder of voogd in het kader van de uitoefening van het gezag toekomende bevoegdheden, alsmede…

gecontroleerd
1:250 Artikel 1:250

Wanneer in aangelegenheden betreffende diens verzorging en opvoeding, dan wel het vermogen van de minderjarige, de belangen van de met het gezag…

gecontroleerd

Afdeling 2

Ouderlijk gezag

1:251 Artikel 1:251

Gedurende hun huwelijk oefenen de ouders het gezag gezamenlijk uit.

gecontroleerd
1:251a Artikel 1:251a

De rechter kan na ontbinding van het huwelijk anders dan door de dood of na scheiding van tafel en bed op verzoek van de ouders of van één van hen…

gecontroleerd
1:251b Artikel 1:251b

De moeder en de persoon die een kind heeft erkend oefenen het gezag over hun kind gezamenlijk uit, tenzij:

gecontroleerd
1:252 Artikel 1:252

De ouders die niet met elkaar zijn gehuwd of een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan en niet het gezamenlijk gezag uitoefenen op grond van…

gecontroleerd
1:253 Artikel 1:253

Indien gewezen echtgenoten met elkaar hertrouwen dan wel een geregistreerd partnerschap aangegaan en onmiddellijk daaraan voorafgaande één der…

gecontroleerd
1:253a Artikel 1:253a

In geval van gezamenlijke uitoefening van het gezag kunnen geschillen hieromtrent op verzoek van de ouders of van een van hen aan de rechtbank worden…

gecontroleerd
1:253aa Artikel 1:253aa

Gedurende hun geregistreerd partnerschap oefenen de ouders het gezag gezamenlijk uit.

gecontroleerd
1:253b Artikel 1:253b

Indien ten aanzien van een kind alleen het moederschap vaststaat van de vrouw uit wie het kind is geboren of indien de ouders van een kind niet met…

gecontroleerd
1:253c Artikel 1:253c

De tot het gezag bevoegde ouder van het kind, die nimmer het gezag gezamenlijk met de moeder uit wie het kind is geboren heeft uitgeoefend, kan de…

gecontroleerd
1:253d Artikel 1:253d

Indien de voorziening in het gezag over een kind, bedoeld in artikel 253b, eerste lid, komt te ontbreken, kunnen beide ouders voor zover zij tot het…

gecontroleerd
1:253e Artikel 1:253e

Inwilliging van het verzoek van een der ouders als bedoeld in de artikelen 253b, 253c en 253d van dit boek heeft, indien de ander het gezag tot…

gecontroleerd
1:253f Artikel 1:253f

Na de dood van een der ouders oefent de overlevende ouder van rechtswege het gezag over de kinderen uit, indien en voor zover hij op het tijdstip van…

gecontroleerd
1:253g Artikel 1:253g

Indien van de ouders diegene overlijdt die het gezag over hun minderjarige kinderen alleen uitoefent, bepaalt de rechter dat de overlevende ouder of…

gecontroleerd
1:253h Artikel 1:253h

Indien na het overlijden van één der ouders een voogd is benoemd, kan de rechter deze beslissing te allen tijde in dier voege wijzigen, dat de…

gecontroleerd
1:253ha Artikel 1:253ha

De minderjarige vrouw die als degene die het gezag heeft, haar kind wenst te verzorgen en op te voeden kan, indien zij de leeftijd van zestien jaren…

gecontroleerd
1:253i Artikel 1:253i

Ingeval van gezamenlijke gezagsuitoefening voeren de ouders gezamenlijk het bewind over het vermogen van het kind en vertegenwoordigen zij…

gecontroleerd
1:253j Artikel 1:253j

De ouders of een ouder moeten het bewind over het vermogen van hun kind als goede bewindvoerders voeren. Bij slecht bewind zijn zij voor de daaraan…

gecontroleerd
1:253k Artikel 1:253k

Op het bewind van de ouders of een ouder zijn de artikelen 342, tweede lid, 344 tot en met 357 en 370 van dit boek van overeenkomstige toepassing.

gecontroleerd
1:253l Artikel 1:253l

Elke ouder die het gezag over zijn kind uitoefent, heeft het vruchtgenot van diens vermogen. Indien het kind bij de ouder inwoont en anders dan…

gecontroleerd
1:253m Artikel 1:253m

De ouder heeft geen vruchtgenot van het vermogen, ten aanzien waarvan bij uiterste wilsbeschikking van de erflater of bij de gift is bepaald dat de…

gecontroleerd

Afdeling 3

Gemeenschappelijke bepalingen betreffende de gezagsuitoefening door de ouders en de gezagsuitoefening door één van hen

1:253n Artikel 1:253n

Op verzoek van de niet met elkaar gehuwde ouders of een van hen kan de rechtbank het gezamenlijk gezag, bedoeld in de artikelen 251, tweede lid…

gecontroleerd
1:253o Artikel 1:253o

Beslissingen waarbij een ouder alleen met het gezag is belast, gegeven ingevolge het bepaalde in de paragrafen 1, 2 en 2a van deze titel en het…

gecontroleerd
1:253p Artikel 1:253p

In de gevallen waarin door de rechter het gezag wordt opgedragen aan beide ouders of aan een ouder alleen, neemt dit een aanvang zodra de…

gecontroleerd
1:253q Artikel 1:253q

Wanneer een van de ouders die gezamenlijk het gezag over hun minderjarige kinderen uitoefenen, op een der in artikel 246 genoemde gronden daartoe…

gecontroleerd
1:253r Artikel 1:253r

Artikel 253q is van overeenkomstige toepassing, indien:

gecontroleerd
1:253s Artikel 1:253s

Indien het kind met instemming van zijn ouders die het gezag over hem uitoefenen, gedurende ten minste een jaar door een of meer anderen als…

gecontroleerd

Afdeling 3A

Gezamenlijk gezag van een ouder tezamen met een ander dan een ouder

1:253sa Artikel 1:253sa

Over het staande hun huwelijk of geregistreerd partnerschap geboren kind oefenen een ouder en zijn echtgenoot of geregistreerde partner die niet de…

gecontroleerd
1:253t Artikel 1:253t

Indien het gezag over een kind bij één ouder berust, kan de rechtbank op gezamenlijk verzoek van de met het gezag belaste ouder en een ander dan de…

gecontroleerd
1:253u Artikel 1:253u

Het gezamenlijk gezag begint op de dag waarop de beslissing die de benoeming inhoudt, in kracht van gewijsde is gegaan, of, indien zij uitvoerbaar…

gecontroleerd
1:253v Artikel 1:253v

Op de gezamenlijke gezagsuitoefening door de ouder en de ander zijn de artikelen 246, 247, 249, 250, 253a, 253j tot en met 253m, 253q, eerste lid…

gecontroleerd
1:253w Artikel 1:253w

De ander die met de ouder gezamenlijk het gezag uitoefent, is verplicht tot het verstrekken van levensonderhoud jegens het kind dat onder zijn gezag…

gecontroleerd
1:253x Artikel 1:253x

Na de dood van de ouder die tezamen met de ander het gezag uitoefende, oefent die ander van rechtswege de voogdij over de kinderen uit.

gecontroleerd
1:253y Artikel 1:253y

Het gezamenlijk gezag, bedoeld in de artikelen 253sa en 253t, eindigt op de dag waarop in kracht van gewijsde is gegaan de beschikking waarbij aan de…

gecontroleerd

Afdeling 4

Ondertoezichtstelling van minderjarigen

1:254 Artikel 1:254

In deze afdeling wordt verstaan onder gecertificeerde instelling: gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.

gecontroleerd
1:255 Artikel 1:255

De kinderrechter kan een minderjarige onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling indien een minderjarige zodanig opgroeit dat hij in…

gecontroleerd
1:256 Artikel 1:256

De kinderrechter kan een minderjarige door of voor wie een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd als bedoeld in…

gecontroleerd
1:257 Artikel 1:257

De kinderrechter kan de minderjarige voorlopig onder toezicht stellen van een gecertificeerde instelling indien een ernstig vermoeden bestaat dat de…

gecontroleerd
1:258 Artikel 1:258

De duur van de ondertoezichtstelling is, behoudens verlenging als bedoeld in artikel 260, ten hoogste een jaar. De duur van de voorlopige…

gecontroleerd
1:259 Artikel 1:259

De kinderrechter kan de gecertificeerde instelling die het toezicht heeft, vervangen door een andere gecertificeerde instelling, op verzoek van de…

gecontroleerd
1:260 Artikel 1:260

De kinderrechter kan, mits aan de grond, bedoeld in artikel 255, eerste lid, is voldaan, de duur van de ondertoezichtstelling telkens verlengen met…

gecontroleerd
1:261 Artikel 1:261

De kinderrechter kan de ondertoezichtstelling opheffen indien de grond, bedoeld in artikel 255, eerste lid, niet langer is vervuld.

gecontroleerd
1:262 Artikel 1:262

De gecertificeerde instelling houdt toezicht op de minderjarige en zorgt dat aan de minderjarige en de met het gezag belaste ouders of ouder hulp en…

gecontroleerd
1:262a Artikel 1:262a

De stichting stelt ter uitvoering van haar taak als eerste de ouder of ouders met gezag in de gelegenheid om samen met bloedverwanten, aanverwanten…

gecontroleerd
1:262b Artikel 1:262b

Geschillen die de uitvoering van de ondertoezichtstelling betreffen, die omtrent gedragingen als bedoeld in artikel 4.2.1 van de Jeugdwet…

gecontroleerd
1:263 Artikel 1:263

De gecertificeerde instelling kan ter uitvoering van haar taak schriftelijke aanwijzingen geven betreffende de verzorging en opvoeding van de…

gecontroleerd
1:264 Artikel 1:264

Op verzoek van een met het gezag belaste ouder of de minderjarige van twaalf jaar of ouder kan de kinderrechter een schriftelijke aanwijzing geheel…

gecontroleerd
1:265 Artikel 1:265

Op verzoek van degene aan wie de aanwijzing is gericht, kan de gecertificeerde instelling een schriftelijke aanwijzing wegens gewijzigde…

gecontroleerd
1:265a Artikel 1:265a

Plaatsing van de minderjarige gedurende dag en nacht buiten het gezin geschiedt uitsluitend met een machtiging tot uithuisplaatsing.

gecontroleerd
1:265b Artikel 1:265b

Indien dit noodzakelijk is in het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarige of tot onderzoek van diens geestelijke of lichamelijke…

gecontroleerd
1:265c Artikel 1:265c

De duur van de machtiging tot uithuisplaatsing is, behoudens verlenging als bedoeld in het tweede lid, ten hoogste een jaar. Indien een minderjarige…

gecontroleerd
1:265d Artikel 1:265d

Een uithuisplaatsing kan door de gecertificeerde instelling worden beëindigd indien deze niet langer noodzakelijk is in het belang van de verzorging…

gecontroleerd
1:265e Artikel 1:265e

De kinderrechter kan bij de verlening van de machtiging tot uithuisplaatsing en ook nadat deze machtiging is verleend, op verzoek bepalen dat het…

gecontroleerd
1:265f Artikel 1:265f

Voor zover noodzakelijk in verband met de uithuisplaatsing van de minderjarige, kan de gecertificeerde instelling voor de duur daarvan de contacten…

gecontroleerd
1:265g Artikel 1:265g

Voor de duur van de ondertoezichtstelling kan de kinderrechter op verzoek van de gecertificeerde instelling een verdeling van de zorg- en…

gecontroleerd
1:265h Artikel 1:265h

Indien een medische behandeling van een minderjarige jonger dan twaalf jaar noodzakelijk is om ernstig gevaar voor diens gezondheid af te wenden en…

gecontroleerd
1:265i Artikel 1:265i

De gecertificeerde instelling behoeft de toestemming van de kinderrechter voor wijziging in het verblijf van een minderjarige die ten minste een jaar…

gecontroleerd
1:265j Artikel 1:265j

Indien de gecertificeerde instelling oordeelt dat niet-verlenging van de ondertoezichtstelling, bedoeld in artikel 260, tweede lid, of…

gecontroleerd
1:265k Artikel 1:265k

Verzoeken op grond van deze afdeling worden schriftelijk gedaan. Voor zover zij aan de kinderrechter zijn gericht, kunnen zij worden ingediend zonder…

gecontroleerd

Afdeling 5

Beëindiging van het ouderlijk gezag

1:266 Artikel 1:266

De rechtbank kan het gezag van een ouder beëindigen indien:

gecontroleerd
1:267 Artikel 1:267

Beëindiging van het gezag kan worden uitgesproken op verzoek van de raad voor de kinderbescherming of het openbaar ministerie. Tevens is degene die…

gecontroleerd
1:267a Artikel 1:267a

De rechtbank die een verzoek tot beëindiging van het gezag afwijst, kan een minderjarige onder toezicht te stellen als bedoeld in artikel 255 mits…

gecontroleerd
1:268 Artikel 1:268

De rechtbank kan een ouder geheel of gedeeltelijk in de uitoefening van het gezag schorsen indien:

gecontroleerd
1:269 Artikel 1:269

In plaats van schorsing van beide ouders of van een ouder in de uitoefening van het gezag als bedoeld in artikel 268, kan de rechtbank een kind onder…

gecontroleerd
1:270 Artikel 1:270 vervallen
1:271 Artikel 1:271 vervallen
1:271a Artikel 1:271a vervallen
1:272 Artikel 1:272 vervallen
1:272a Artikel 1:272a vervallen
1:273 Artikel 1:273 vervallen
1:274 Artikel 1:274

Indien de ouders gezamenlijk het gezag uitoefenen, wordt na de beëindiging van het gezag van een van hen voortaan het gezag door de andere ouder…

gecontroleerd
1:275 Artikel 1:275

Indien de andere ouder het gezag niet voortaan alleen uitoefent, benoemt de rechtbank een voogd over de minderjarigen.

gecontroleerd
1:276 Artikel 1:276

Indien de ouder wiens gezag is beëindigd het bewind over het vermogen van zijn kinderen voerde, wordt hij tevens veroordeeld tot het afleggen van…

gecontroleerd
1:277 Artikel 1:277

De rechtbank kan de ouder wiens gezag is beëindigd, op zijn verzoek in het gezag herstellen indien:

gecontroleerd
1:278 Artikel 1:278

Een verzoek als bedoeld in artikel 277 van dit boek kan ook worden gedaan door de raad voor de kinderbescherming.

gecontroleerd

Afdeling 6

Voogdij

1:279 Artikel 1:279 vervallen
1:280 Artikel 1:280

De voogdij begint:

gecontroleerd
1:281 Artikel 1:281

De voogdij eindigt op de dag, waarop in kracht van gewijsde is gegaan de beschikking waarbij:

gecontroleerd
1:282 Artikel 1:282

Op eensluidend verzoek van de voogd en een ander die in een nauwe persoonlijke betrekking tot het kind staat, kan de rechter bepalen dat de voogdij…

gecontroleerd
1:282a Artikel 1:282a

De gezamenlijke uitoefening van de voogdij eindigt op de dag waarop in kracht van gewijsde is gegaan de beschikking waarbij de gezamenlijke…

gecontroleerd
1:282b Artikel 1:282b

Na de dood van een voogd die de voogdij samen met een ander uitoefende, oefent de andere voogd voortaan alleen de voogdij over de kinderen uit.

gecontroleerd
1:283 Artikel 1:283

De verzoeken die de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, dan wel de rechtspersoon, bedoeld in artikel 302, tweede lid…

gecontroleerd
1:284 Artikel 1:284 vervallen
1:285 Artikel 1:285 vervallen
1:286 Artikel 1:286 vervallen
1:287 Artikel 1:287 vervallen
1:288 Artikel 1:288 vervallen
1:289 Artikel 1:289 vervallen
1:290 Artikel 1:290 vervallen
1:291 Artikel 1:291 vervallen
1:291a Artikel 1:291a vervallen
1:292 Artikel 1:292

Een ouder kan bij uiterste wilsbeschikking of door hiervan aantekening te laten opnemen in het register, bedoeld in artikel 244, bepalen welke…

gecontroleerd
1:293 Artikel 1:293

De door de ouder getroffen regeling heeft geen gevolg of vervalt:

gecontroleerd
1:294 Artikel 1:294 vervallen
1:295 Artikel 1:295

De rechtbank benoemt een voogd over alle minderjarigen, die niet onder ouderlijk gezag staan en in wier voogdij niet op wettige wijze is voorzien.

gecontroleerd
1:296 Artikel 1:296

Is voorziening nodig in afwachting van het begin der voogdij overeenkomstig artikel 280 van dit boek, dan benoemt de rechtbank een voogd voor de duur…

gecontroleerd
1:297 Artikel 1:297

De rechtbank benoemt insgelijks een voogd, wanneer voorziening nodig is wegens:

gecontroleerd
1:298 Artikel 1:298

Gedurende de in de artikelen 296 en 297 bedoelde voogdij is de uitoefening van de voogdij geschorst ten aanzien van de voogd die het betreft.

gecontroleerd
1:299 Artikel 1:299

De rechtbank benoemt de voogd op verzoek van bloed- of aanverwanten van de minderjarige, de raad voor de kinderbescherming, schuldeisers of andere…

gecontroleerd
1:299a Artikel 1:299a

Degene die met instemming van de voogd een minderjarige in zijn gezin - anders dan uit hoofde van een ondertoezichtstelling of een plaatsing onder…

gecontroleerd
1:300 Artikel 1:300 vervallen
1:301 Artikel 1:301

De ambtenaar van de burgerlijke stand geeft de rechtbank onverwijld kennis:

gecontroleerd
1:302 Artikel 1:302

De rechter kan de voogdij opdragen aan een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet.

gecontroleerd
1:303 Artikel 1:303

Voor zover de wet niet anders bepaalt, heeft de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet, die met de voogdij is belast…

gecontroleerd
1:304 Artikel 1:304

Met de gecertificeerde instelling, bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet zijn de bestuurders hoofdelijk en persoonlijk aansprakelijk voor iedere…

gecontroleerd
1:305 Artikel 1:305 vervallen
1:306 Artikel 1:306

Zonder toestemming van de rechtbank mag een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet een hem toevertrouwde minderjarige…

gecontroleerd
1:306a Artikel 1:306a

De zesde afdeling van deze titel is niet van toepassing op de uitoefening van de voorlopige voogdij als bedoeld in de artikelen 241, 268 en 331.

gecontroleerd
1:307 Artikel 1:307 vervallen
1:308 Artikel 1:308 vervallen
1:309 Artikel 1:309 vervallen
1:310 Artikel 1:310 vervallen
1:311 Artikel 1:311 vervallen
1:312 Artikel 1:312 vervallen
1:313 Artikel 1:313 vervallen
1:314 Artikel 1:314 vervallen
1:315 Artikel 1:315 vervallen
1:316 Artikel 1:316 vervallen
1:317 Artikel 1:317 vervallen
1:318 Artikel 1:318 vervallen
1:319 Artikel 1:319 vervallen
1:320 Artikel 1:320 vervallen
1:321 Artikel 1:321 vervallen
1:322 Artikel 1:322

Iedere voogd kan zich van zijn bediening doen ontslaan, indien:

gecontroleerd
1:323 Artikel 1:323

Op verzoek van de voogden gezamenlijk of van een van hen beëindigt de rechter de gezamenlijke uitoefening van de voogdij. Alsdan bepaalt de rechter…

gecontroleerd
1:324 Artikel 1:324

Wanneer een voogd op een der in artikel 246 van dit boek genoemde gronden onbevoegd is tot de voogdij, ontslaat de rechtbank hem en vervangt hem door…

gecontroleerd
1:325 Artikel 1:325 vervallen
1:326 Artikel 1:326

Kinderen die onder voogdij staan van natuurlijke personen, kunnen onder toezicht worden gesteld.

gecontroleerd
1:327 Artikel 1:327

De rechtbank kan de voogdij van een natuurlijk persoon beëindigen indien:

gecontroleerd
1:328 Artikel 1:328

De rechtbank kan de voogdij van een gecertificeerde instelling als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet of van een rechtspersoon als bedoeld in…

gecontroleerd
1:329 Artikel 1:329

Beëindiging van de voogdij kan worden uitgesproken op verzoek van de raad voor de kinderbescherming, het openbaar ministerie of een der bloed- of…

gecontroleerd
1:330 Artikel 1:330 vervallen
1:331 Artikel 1:331

De rechtbank kan een met de voogdij belaste natuurlijke persoon geheel of gedeeltelijk in de uitoefening van het gezag schorsen indien:

gecontroleerd
1:331a Artikel 1:331a

In plaats van schorsing van de voogd in de uitoefening van de voogdij en voorziening in de voorlopige voogdij als bedoeld in artikel 331, kan de…

gecontroleerd
1:332 Artikel 1:332 vervallen
1:332a Artikel 1:332a

De rechtbank die een verzoek tot beëindiging van de voogdij afwijst, is bevoegd een minderjarige onder toezicht te stellen als bedoeld in artikel 255.

gecontroleerd
1:333 Artikel 1:333 vervallen
1:334 Artikel 1:334

Indien de rechtbank de beëindiging van de voogdij uitspreekt, voorziet zij tevens in het gezag, behoudens het bepaalde in het derde lid.

gecontroleerd
1:335 Artikel 1:335

Degene van wie de voogdij is beëindigd op grond van artikel 327, eerste lid, aanhef en onder a, b of c kan niet wederom tot voogd over die…

gecontroleerd
1:336 Artikel 1:336

De voogd draagt zorg, dat de minderjarige overeenkomstig diens vermogen wordt verzorgd en opgevoed.

gecontroleerd
1:336a Artikel 1:336a

Indien de minderjarige door een ander of anderen dan zijn voogd, als behorende tot het gezin met instemming van de voogd ten minste een jaar is…

gecontroleerd
1:337 Artikel 1:337

De voogd vertegenwoordigt de minderjarige in burgerlijke handelingen.

gecontroleerd
1:337a Artikel 1:337a

In geval van gezamenlijke uitoefening van de voogdij worden de bevoegdheden die de voogd ingevolge de paragrafen 10 en 11 heeft, gezamenlijk door de…

gecontroleerd
1:338 Artikel 1:338

De voogd zorgt dat het vermogen van de minderjarige, zoals dit bij het begin van zijn voogdij is samengesteld, zo spoedig mogelijk wordt…

gecontroleerd
1:339 Artikel 1:339

Wanneer de goederen van de minderjarigen een waarde van € 11 250 niet te boven gaan, kan de voogd een door hem ondertekende, volgens een door Onze…

gecontroleerd
1:340 Artikel 1:340

De kantonrechter kan bij gebleken noodzakelijkheid een langere termijn voor de inlevering van een boedelbeschrijving of een verklaring, als bedoeld…

gecontroleerd
1:341 Artikel 1:341

In de boedelbeschrijving of in de verklaring, bedoeld in artikel 339 van dit boek, moet de voogd opgeven wat hij van de minderjarige heeft te…

gecontroleerd
1:342 Artikel 1:342

De artikelen 338 tot en met 341 zijn van overeenkomstige toepassing, wanneer de minderjarige gedurende de voogdij door schenking, erfopvolging of…

gecontroleerd
1:343 Artikel 1:343

De voogd kan, onverminderd zijn aansprakelijkheid voor de door zijn slecht bewind veroorzaakte schade, voor de minderjarige alle handelingen…

gecontroleerd
1:344 Artikel 1:344

Voor zover de kantonrechter niet anders bepaalt, geeft de voogd de effecten aan toonder van de minderjarige in bewaring bij:

gecontroleerd
1:345 Artikel 1:345

De voogd behoeft machtiging van de kantonrechter om de navolgende handelingen voor rekening van de minderjarige te verrichten:

gecontroleerd
1:346 Artikel 1:346

De voogd kan geen goederen van de minderjarige kopen, huren of pachten, zonder dat de kantonrechter de te sluiten overeenkomst goedkeurt.

gecontroleerd
1:347 Artikel 1:347

Een in strijd met artikel 345 of 346 verrichte rechtshandeling ten name van de minderjarige is vernietigbaar; op de vernietigingsgrond kan slechts…

gecontroleerd
1:348 Artikel 1:348

De voogd kan, zonder dat de kantonrechter de te sluiten overeenkomst goedkeurt, geen inschuld ten laste van de minderjarige, noch enig beperkt recht…

gecontroleerd
1:349 Artikel 1:349

Een voogd die zonder machtiging van de kantonrechter voor de minderjarige als eiser in rechte optreedt of tegen een uitspraak beroep instelt, wordt…

gecontroleerd
1:350 Artikel 1:350

De voogd draagt zorg voor een doelmatige belegging van het vermogen van de minderjarige.

gecontroleerd
1:351 Artikel 1:351

Wanneer het vermogen van de minderjarige of een gedeelte daarvan in een onderneming van handel, landbouw of nijverheid is geplaatst, mag de voogd de…

gecontroleerd
1:352 Artikel 1:352

Ondanks het ontbreken der vereiste machtiging zijn handelingen, door de voogd verricht in strijd met artikel 350 of artikel 351, geldig.

gecontroleerd
1:353 Artikel 1:353

De voogd kan niet zonder machtiging van de kantonrechter van een de minderjarige toekomend aandeel in een ontbonden huwelijksgemeenschap afstand doen.

gecontroleerd
1:354 Artikel 1:354

De kantonrechter kan te allen tijde de voogd ten verhore doen oproepen. Deze is verplicht alle door de kantonrechter gewenste inlichtingen te…

gecontroleerd
1:355 Artikel 1:355

Aan een met het gezag belaste ouder of aan een ouder die alleen het bewind over het vermogen heeft en die aangifte heeft gedaan van zijn voornemen…

gecontroleerd
1:356 Artikel 1:356

Aanwijzingen en machtigingen, als in deze paragraaf bedoeld, geeft de kantonrechter slechts, indien dit hem in het belang van de minderjarige…

gecontroleerd
1:357 Artikel 1:357

Indien de kosten van een ten behoeve van een minderjarige bevolen maatregel bij rechterlijke beschikking te diens laste zijn gebracht, treedt -…

gecontroleerd
1:358 Artikel 1:358

De voogd mag alle noodzakelijke, betamelijke en behoorlijk gerechtvaardigde uitgaven aan de minderjarige in rekening brengen.

gecontroleerd
1:359 Artikel 1:359

De kantonrechter kan te allen tijde op verzoek van de andere voogd of ambtshalve aan de voogd de verplichting opleggen jaarlijks of eens in de twee…

gecontroleerd
1:360 Artikel 1:360

Bij verschil van mening omtrent de rekening kan de kantonrechter verbetering daarvan gelasten.

gecontroleerd
1:361 Artikel 1:361

De periodiek door de voogd gedane rekening of een eensluidend afschrift daarvan blijft berusten ter griffie van de rechtbank.

gecontroleerd
1:362 Artikel 1:362

De kantonrechter kan op verzoek van de andere voogd of ambtshalve de schade vaststellen, die blijkens de rekening de minderjarige door slecht bewind…

gecontroleerd
1:363 Artikel 1:363

De kantonrechter kan te allen tijde bevelen dat de voogd voor zijn bewind zekerheid stelt. Hij stelt het bedrag en de aard van de zekerheid vast…

gecontroleerd
1:364 Artikel 1:364

De door de voogd gestelde zekerheid houdt op, zodra zijn rekening en verantwoording is goedgekeurd, of zodra de rechtsvorderingen die zijn bewind…

gecontroleerd
1:365 Artikel 1:365

Indien de voogd in gebreke blijft:

gecontroleerd
1:366 Artikel 1:366

Insgelijks kan de kantonrechter de raad voor de kinderbescherming ermede in kennis stellen, dat:

gecontroleerd
1:367 Artikel 1:367

De raad voor de kinderbescherming die van de kantonrechter zodanige mededeling ontvangt, onderwerpt, na onderzoek van de overige gedragingen van de…

gecontroleerd
1:368 Artikel 1:368 vervallen
1:369 Artikel 1:369

Indien minderjarigen die onder voogdij van verschillende voogden staan, goederen gemeen hebben, kan de kantonrechter van de woonplaats van een der…

gecontroleerd
1:370 Artikel 1:370

De kantonrechter kan op verzoek van de voogd of ambtshalve, het vermogen van de minderjarige of een deel daarvan, met inbegrip van de vruchten, voor…

gecontroleerd
1:371 Artikel 1:371

De voogd is verplicht ter griffie van de rechtbank kennis te geven van elke verandering in zijn woonplaats.

gecontroleerd
1:371a Artikel 1:371a

De griffier van het gerecht dat een voogd benoemt, doet daarvan onverwijld mededeling aan de kantonrechter van de rechtbank van het arrondissement…

gecontroleerd
1:372 Artikel 1:372

Na het einde van zijn bewind doet de voogd daarvan onverwijld rekening en verantwoording. De kosten worden door de voogd betaald. Zij komen echter…

gecontroleerd
1:373 Artikel 1:373

Deze rekening en verantwoording doet de voogd hetzij aan de meerderjarig gewordene, hetzij aan de erfgenamen van de minderjarige, wanneer deze…

gecontroleerd
1:374 Artikel 1:374

Bedoelde rekening en verantwoording wordt afgelegd ten overstaan van de kantonrechter, binnen wiens rechtsgebied de voogd wiens bewind eindigt…

gecontroleerd
1:375 Artikel 1:375

Een rechtshandeling die de meerderjarig gewordene betreffende de voogdij of de voogdijrekening richt tot of verricht met de voogd, is vernietigbaar…

gecontroleerd
1:376 Artikel 1:376

Wat de minderjarige aan de voogd schuldig blijft, draagt geen rente, zolang hij niet - na het sluiten der rekening - met de voldoening van het…

gecontroleerd
1:377 Artikel 1:377

Elke rechtsvordering op grond van het gevoerde voogdijbewind - zowel van de zijde van de minderjarige als van die van de voogd - verjaart door…

gecontroleerd