Nederlandse wetgeving

Artikel 1:248

geldend

Het gezag over minderjarige kinderen · Algemeen

Burgerlijk Wetboek — Boek 1 · Titel 14 · Afdeling 1 · Geldig vanaf 1995-11-02

Bron

Het tweede lid van artikel 247 van dit boek is van overeenkomstige toepassing op de voogd en op degene die een minderjarige verzorgt en opvoedt zonder dat hem het gezag over die minderjarige toekomt.

Uitspraken van de Hoge Raad waarin dit artikel wordt toegepast.

2025-12-19 · ECLI:NL:HR:2025:1948

Prejudiciële vragen (art. 392 Rv). Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Vragen over plaatsing van kind in pleeggezin als screening van pleeggezin niet of niet met positief resultaat heeft plaatsgevonden of pleegzorgaanbieder plaatsing niet langer verantwoord vindt, en over ontbreken van wettelijke regeling voor geschillen over voogdij.

Uitspraak op rechtspraak.nl

2017-05-19 · ECLI:NL:HR:2017:943

Personen- en familierecht. Procesrecht. Gezag en omgang. Uit gezag ontheven moeder verzoekt uitbreiding van de omgangsregeling. In hoger beroep schorst het hof de omgangsregeling op verzoek van de met de voogdij belaste gecertificeerde instelling (GI). Is een GI bevoegd een verzoek m.b.t. de omgangsregeling te doen? Art. 1:377a en 1:377e BW. Art. 8 lid 2 EVRM; is deze inmenging in het omgangsrecht bij wet voorzien? Omvang rechtsstrijd in hoger beroep. Art. 362 Rv belet dat voor het eerst in hoger beroep een zelfstandig verzoek wordt gedaan.

Uitspraak op rechtspraak.nl