Article 30
in forceSupervision and the use of force
The director may, if necessary in the interest of maintaining order or safety within the institution, or in connection with a decision regarding placement or transfer, or in connection with the granting of leave, require a detainee to provide a urine sample for the purpose of testing that urine for the presence of behavior-altering substances.
Our Minister shall establish further rules regarding the manner of implementation of the urine test. These rules shall in any event concern the right of the detainee to be informed of the result and to have a renewed examination of the provided urine sample conducted at their own expense. Article 29, paragraph 4, shall apply mutatis mutandis.
De directeur kan, indien dit noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting dan wel in verband met de beslissing tot plaatsing of overplaatsing dan wel in verband met de verlening van verlof, een gedetineerde verplichten urine af te staan ten behoeve van een onderzoek van die urine op aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen.
Onze Minister stelt nadere regels omtrent de wijze van uitvoering van het urineonderzoek. Deze regels betreffen in elk geval het recht van de gedetineerde om de uitslag te vernemen en om voor eigen rekening een hernieuwd onderzoek van de afgestane urine te laten plaatsvinden. Artikel 29, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.