Article 31a
in forceThe provision of information to the works council
The entrepreneur shall, also for the purpose of discussing the general course of affairs of the enterprise, provide the works council at least twice a year, orally or in writing, with general information regarding the activities and the results of the enterprise in the elapsed period, in particular with regard to matters as referred to in Article 25.
If the enterprise is maintained by a foundation or association as referred to in Article 360, paragraph 3, of Book 2 of the Civil Code, a cooperative, a mutual guarantee company, a public limited company, or a private limited company with limited liability, the entrepreneur shall, as soon as possible after the adoption of its annual accounts, provide a copy of the annual accounts and the management report in the Dutch language, as well as the other information to be attached thereto as referred to in Article 392 of Book 2 of the Civil Code, to the works council for discussion. The notification that a legal entity must provide pursuant to Article 362, paragraph 6, final sentence, of Book 2 of the Civil Code shall be made simultaneously with the notification to the general meeting.
If the financial data of an entrepreneur who is part of a group of affiliated enterprises are included in a consolidated annual account as referred to in Article 405 of Book 2 of the Civil Code, the entrepreneur shall provide the works council, for discussion, with this consolidated annual account, the management report, and the other information referred to in Article 392 of that Book, of the legal entity that has prepared the consolidated annual account. If the financial data of such an entrepreneur are not included in a consolidated annual account, the entrepreneur shall instead provide the works council, for discussion, with written information from which the works council can form an insight into the joint result of the enterprises of that group of enterprises.
If the annual accounts of the entrepreneur relate to more than one enterprise, the entrepreneur shall also provide the works council with written information from which it can form an insight into the extent to which the enterprise for which it has been established has contributed to the joint result of those enterprises. The foregoing shall apply mutatis mutandis if consolidated annual accounts, as referred to in the third paragraph, are provided.
If the enterprise is maintained by an entrepreneur to whom the second paragraph of this article does not apply, the entrepreneur shall provide substitute written information, as designated by order in council, to the works council for discussion. The third and fourth paragraphs of this article shall apply mutatis mutandis.
The entrepreneur shall, partly for the purpose of discussing the general course of affairs of the enterprise, at least twice a year provide the works council, either orally or in writing, with information regarding his expectations concerning the activities and the results of the enterprise in the coming period, in particular with regard to matters as referred to in Article 25, as well as with regard to all investments at home and abroad.
If the entrepreneur habitually draws up a multi-annual plan, or an estimate or budget of income or expenditure with regard to the enterprise, that plan, estimate or budget, respectively, or a summary thereof, shall be provided to the works council together with an explanation and shall be included in the discussion. The third and fourth paragraphs of this article shall apply mutatis mutandis.
If an auditor's report includes an adverse opinion as referred to in Article 393, paragraph 5, point (h), of Book 2 of the Civil Code, this auditor's report shall be sent by the auditor to the works council without delay.
De ondernemer verstrekt, mede ten behoeve van de bespreking van de algemene gang van zaken van de onderneming, ten minste tweemaal per jaar aan de ondernemingsraad mondeling of schriftelijk algemene gegevens omtrent de werkzaamheden en de resultaten van de onderneming in het verstreken tijdvak, in het bijzonder met betrekking tot aangelegenheden als bedoeld in artikel 25.
Indien de onderneming in stand wordt gehouden door een stichting of vereniging als bedoeld in artikel 360, derde lid, van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, een coöperatie, een onderlinge waarborgmaatschappij, een naamloze vennootschap of een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, verstrekt de ondernemer zo spoedig mogelijk na de vaststelling van zijn jaarrekening een exemplaar van de jaarrekening en het bestuursverslag in de Nederlandse taal en de daarbij te voegen overige gegevens, als bedoeld in artikel 392 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, ter bespreking aan de ondernemingsraad. De mededeling die een rechtspersoon ingevolge artikel 362, zesde lid, laatste volzin, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek moet verstrekken geschiedt gelijktijdig met die aan de algemene vergadering.
Indien de financiële gegevens van een ondernemer die deel uitmaakt van in een groep verbonden ondernemers zijn opgenomen in een geconsolideerde jaarrekening als bedoeld in artikel 405 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, verstrekt de ondernemer ter bespreking aan de ondernemingsraad deze geconsolideerde jaarrekening, het bestuursverslag en de overige gegevens, bedoeld in artikel 392 van dat boek, van de rechtspersoon die de geconsolideerde jaarrekening heeft opgesteld. Indien de financiële gegevens van zulk een ondernemer niet in een geconsolideerde jaarrekening zijn opgenomen, verstrekt de ondernemer in plaats hiervan ter bespreking aan de ondernemingsraad schriftelijke gegevens waaruit de ondernemingsraad zich een inzicht kan vormen in het gezamenlijke resultaat van de ondernemingen van die groep ondernemers.
Indien de jaarrekening van de ondernemer betrekking heeft op meer dan één onderneming, verstrekt de ondernemer aan de ondernemingsraad tevens schriftelijke gegevens waaruit deze zich een inzicht kan vormen in de mate waarin de onderneming waarvoor hij is ingesteld tot het gezamenlijke resultaat van die ondernemingen heeft bijgedragen. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing, indien een geconsolideerde jaarrekening, als bedoeld in het derde lid, wordt verstrekt.
Indien de onderneming in stand wordt gehouden door een ondernemer op wie het tweede lid van dit artikel niet van toepassing is, verstrekt de ondernemer bij algemene maatregel van bestuur aangewezen vervangende schriftelijke gegevens ter bespreking aan de ondernemingsraad. Het derde en vierde lid van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing.
De ondernemer doet, mede ten behoeve van de bespreking van de algemene gang van zaken van de onderneming, ten minste tweemaal per jaar aan de ondernemingsraad mondeling of schriftelijk mededeling omtrent zijn verwachtingen ten aanzien van de werkzaamheden en de resultaten van de onderneming in het komende tijdvak, in het bijzonder met betrekking tot aangelegenheden als bedoeld in artikel 25, alsmede met betrekking tot alle investeringen in binnenland en buitenland.
Indien de ondernemer met betrekking tot de onderneming een meerjarenplan, dan wel een raming of een begroting van inkomsten of uitgaven pleegt op te stellen, wordt dat plan, onderscheidenlijk die raming of die begroting, dan wel een samenvatting daarvan, met een toelichting aan de ondernemingsraad verstrekt en in de bespreking betrokken. Het derde en vierde lid van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing.
Als een accountantsverklaring een negatieve verklaring omvat als bedoeld in artikel 393 lid 5, onderdeel h, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, wordt deze accountantsverklaring onverwijld door de accountant aan de ondernemingsraad gezonden.