Article 2:72
in forcePublic limited liability companies · General provisions
When a private company with limited liability (besloten vennootschap) converts itself into a public limited company (naamloze vennootschap) pursuant to Article 18, a statement from an auditor as referred to in Article 393 paragraph 1 shall be attached to the deed of conversion, showing that the equity of the company on a day within five months prior to the conversion was at least equal to the paid-up and called-up part of the capital.
When another legal person converts into a public limited company (naamloze vennootschap) pursuant to Article 18, the following shall be attached to the deed of conversion:
a statement from an accountant as referred to in Article 393, paragraph 1, showing that the equity of the legal person on a day within five months prior to the conversion amounts to at least the amount of the paid-up part of the issued capital according to the deed of conversion; the value of what will be paid up on shares after that day, at the latest immediately after the conversion, may be added to the equity;
if the legal person has members, the written consent of each member whose shares are not being paid up by means of conversion of the reserves of the legal person;
if a foundation is converted, the judicial authorisation thereto.
When an association, cooperative or mutual insurance society converts itself into a public limited company (naamloze vennootschap) pursuant to Article 18, every member shall become a shareholder. The conversion cannot take place as long as a member may still give notice of termination on the basis of Article 36, paragraph 4.
Wanneer een besloten vennootschap zich krachtens artikel 18 omzet in een naamloze vennootschap, wordt aan de akte van omzetting een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393 lid 1 gehecht waaruit blijkt dat het eigen vermogen van de vennootschap op een dag binnen vijf maanden voor de omzetting ten minste overeenkwam met het gestorte en opgevraagde deel van het kapitaal.
Wanneer een andere rechtspersoon zich krachtens artikel 18 omzet in een naamloze vennootschap, worden aan de akte van omzetting gehecht:
een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393 lid 1, waaruit blijkt dat het eigen vermogen van de rechtspersoon op een dag binnen vijf maanden voor de omzetting ten minste het bedrag beloopt van het gestorte deel van het geplaatste kapitaal volgens de akte van omzetting; bij het eigen vermogen mag de waarde worden geteld van hetgeen na die dag uiterlijk onverwijld na de omzetting op aandelen zal worden gestort;
indien de rechtspersoon leden heeft, de schriftelijke toestemming van ieder lid wiens aandelen niet worden volgestort door omzetting van de reserves van de rechtspersoon;
indien een stichting wordt omgezet, de rechterlijke machtiging daartoe.
Wanneer een vereniging, coöperatie of onderlinge waarborgmaatschappij zich krachtens artikel 18 omzet in een naamloze vennootschap, wordt ieder lid aandeelhouder. De omzetting kan niet geschieden, zolang een lid nog kan opzeggen op grond van artikel 36 lid 4.