Article 2:6
in forceInteractions between citizens and administrative authorities · Use of language in administrative proceedings
Administrative authorities and persons working under their responsibility shall use the Dutch language, unless provided otherwise by statutory provision.
Notwithstanding paragraph 1, another language may be used if the use thereof is more expedient and the interests of third parties are not disproportionately prejudiced thereby.
Bestuursorganen en onder hun verantwoordelijkheid werkzame personen gebruiken de Nederlandse taal, tenzij bij wettelijk voorschrift anders is bepaald.
In afwijking van het eerste lid kan een andere taal worden gebruikt indien het gebruik daarvan doelmatiger is en de belangen van derden daardoor niet onevenredig worden geschaad.