Article 25
in forceGeneral provisions · § Limitations on copyright
The author of a work shall, even after having transferred his copyright, have the following rights:
the right to oppose the disclosure of the work without mention of his name or other indication as the author, unless such opposition would be contrary to reasonableness;
the right to oppose the disclosure of the work under a name other than his own, as well as to oppose any change to the title of the work or to the designation of the author, insofar as these appear on or in the work, or have been disclosed in connection therewith;
the right to oppose any other modification of the work, unless such modification is of such a nature that the opposition would be contrary to reasonableness;
the right to object to any distortion, mutilation or other impairment of the work, which could be prejudicial to the honour or name of the author or to his reputation in that capacity.
The rights referred to in the first paragraph shall, after the death of the author and until the expiry of the copyright, vest in the person designated by the author by testamentary disposition, and in the absence thereof, in his surviving relatives.
The right referred to in the first paragraph, under (a), may be waived. The rights referred to under (b) and (c) may be waived insofar as they concern modifications to the work or the designation thereof.
If the author of the work has transferred the copyright, he remains entitled to make such changes to the work as are permitted in good faith according to the standards of social intercourse. As long as the copyright subsists, an equal entitlement accrues to the person designated by the author in a testamentary disposition, provided it is reasonably plausible that the author would also have approved those changes.
De maker van een werk heeft, zelfs nadat hij zijn auteursrecht heeft overgedragen, de volgende rechten:
het recht zich te verzetten tegen openbaarmaking van het werk zonder vermelding van zijn naam of andere aanduiding als maker, tenzij het verzet zou zijn in strijd met de redelijkheid;
het recht zich te verzetten tegen de openbaarmaking van het werk onder een andere naam dan de zijne, alsmede tegen het aanbrengen van enige wijziging in de benaming van het werk of in de aanduiding van de maker, voor zover deze op of in het werk voorkomen, dan wel in verband daarmede zijn openbaar gemaakt;
het recht zich te verzetten tegen elke andere wijziging in het werk, tenzij deze wijziging van zodanige aard is, dat het verzet zou zijn in strijd met de redelijkheid;
het recht zich te verzetten tegen elke misvorming, verminking of andere aantasting van het werk, welke nadeel zou kunnen toebrengen aan de eer of de naam van de maker of aan zijn waarde in deze hoedanigheid.
De in het eerste lid genoemde rechten komen, na het overlijden van de maker tot aan het vervallen van het auteursrecht, toe aan de door de maker bij uiterste wilsbeschikking aangewezene, en bij gebreke van dien aan zijn nabestaanden.
Van het recht, in het eerste lid, onder a genoemd kan afstand worden gedaan. Van de rechten onder b en c genoemd kan afstand worden gedaan voor zover het wijzigingen in het werk of in de benaming daarvan betreft.
Heeft de maker van het werk het auteursrecht overgedragen dan blijft hij bevoegd in het werk zodanige wijzigingen aan te brengen als hem naar de regels van het maatschappelijk verkeer te goeder trouw vrijstaan. Zolang het auteursrecht voortduurt komt gelijke bevoegdheid toe aan de door de maker bij uiterste wilsbeschikking aangewezene, als redelijkerwijs aannemelijk is, dat ook de maker die wijzigingen zou hebben goedgekeurd.