Dutch Legislation

Article 24

in force

Procedure · Judicial proceedings

Transfer of Sentence Enforcement Act (WOTS) · Chapter III · Section C · In force since 1988-01-01

Source
1.

As soon as possible after receipt of the petition referred to in Article 18, the presiding judge of the court shall determine the time at which the court will commence the hearing of the petition. A period of at least ten days must elapse between the day on which the notice to appear at the hearing is served upon the convicted person and the day of the hearing.

2.

With the consent of the convicted person, this period may be shortened, provided that such consent is evidenced by a written statement.

1.

Zo spoedig mogelijk na ontvangst van de in artikel 18 bedoelde vordering bepaalt de voorzitter van de rechtbank het tijdstip waarop de rechtbank een aanvang zal maken met de behandeling van de vordering. Tussen de dag waarop de mededeling om ter terechtzitting te verschijnen aan de veroordeelde is betekend en die der terechtzitting moet een termijn van ten minste tien dagen verlopen.

2.

Met toestemming van de veroordeelde kan deze termijn worden verkort, mits van deze toestemming uit een schriftelijke verklaring blijkt.