Article 61j
in forceApproved institutions · Supervision and administration (bewind)
The administrators shall, to the exclusion of all others, exercise all powers of the bodies of the admitted institution or the subsidiary, unless the court has determined that a body may continue to exercise its powers. Furthermore, they shall without delay notify the Chamber of Commerce of the court's decision and of the details concerning themselves that are required for a director.
A legal act performed by a body of the relevant admitted institution or subsidiary after the court's decision and before the time at which those who have an interest in that legal act can first take cognizance of that decision, is valid. The time referred to in the first sentence is the date of publication of the Government Gazette (Staatscourant) in which an extract of that decision has been made public.
De bewindvoerders oefenen bij uitsluiting alle bevoegdheden uit van de organen van de toegelaten instelling of de dochtermaatschappij, tenzij de rechtbank heeft bepaald dat een orgaan zijn bevoegdheden kan blijven uitoefenen. Zij doen voorts onverwijld aan de Kamer van Koophandel opgave van de uitspraak van de rechtbank en van de gegevens over zichzelf die over een bestuurder worden verlangd.
Een rechtshandeling die door een orgaan van de betrokken toegelaten instelling of dochtermaatschappij wordt verricht na de uitspraak van de rechtbank en voor het tijdstip waarop degenen die bij die rechtshandeling een belang hebben voor het eerst van die uitspraak kennis kunnen nemen, is geldig. Het tijdstip, bedoeld in de eerste volzin, is de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin een uittreksel van die uitspraak is bekendgemaakt.