Dutch Legislation

Article 50a

in force

Approved institutions · Werkzaamheden

Housing Act · Chapter IV · Section 3 · In force since 2015-07-01

Source
1.

In order to effect a legal separation, the authorised institution shall transfer its activities that do not pertain to services of general economic interest, and all related income, expenses, assets and liabilities, into one or more housing companies in accordance with regulations to be provided by or pursuant to an order in council. Housing companies are public limited companies as referred to in Article 64 of Book 2 of the Civil Code or private limited companies as referred to in Article 175 of that Book.

2.

The authorised institution shall draw up a proposal for the effectuation of the legal separation. In accordance with regulations to be laid down by order in council in that regard, it may include therein that activities and related income, expenses, assets and liabilities other than those referred to in the first paragraph, first sentence, are transferred to a housing company. In the event of application of the second sentence of this paragraph, Article 50, paragraph 2, shall apply mutatis mutandis.

1.

Om een juridische scheiding te bewerkstelligen brengt de toegelaten instelling haar werkzaamheden die niet behoren tot de diensten van algemeen economisch belang, en alle daarmee samenhangende baten, lasten, activa en passiva, overeenkomstig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur te geven voorschriften onder in een of meer woningvennootschappen. Woningvennootschappen zijn naamloze vennootschappen als bedoeld in artikel 64 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek of besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid als bedoeld in artikel 175 van dat boek.

2.

De toegelaten instelling stelt een voorstel tot bewerkstelliging van de juridische scheiding op. Zij kan, overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur daaromtrent te geven voorschriften, daarin opnemen dat andere werkzaamheden en daarmee samenhangende baten, lasten, activa en passiva dan die, bedoeld in het eerste lid, eerste volzin, in een woningvennootschap worden ondergebracht. Bij toepassing van de tweede volzin van dit lid is artikel 50, tweede lid, van overeenkomstige toepassing.