Dutch Legislation

Article 5

in force

General provisions

European Works Councils Act · Chapter 1 · In force since 2013-01-01

Source
1.

Any interested party may petition the Enterprise Chamber of the Amsterdam Court of Appeal to order that effect be given to the provisions of this Act, with the exception of Article 4, insofar as the second paragraph does not provide otherwise, or to the provisions of an agreement as referred to in Articles 11 or 24. A special negotiating body or its members and a European Works Council, established pursuant to this Act, may not be ordered to pay the legal costs of these proceedings.

2.

The special negotiating body or its members and a European works council may petition the Enterprise Chamber of the Amsterdam Court of Appeal to:

a.

to lift the confidentiality imposed pursuant to Article 4, paragraphs 4 and 5, Article 11, paragraph 7, or Article 19, paragraph 6, on the ground that the person who imposed the confidentiality, upon weighing the interests involved, could not reasonably have decided to impose confidentiality;

b.

to compel the person who has refused information pursuant to Article 11, paragraph 7, or Article 19, paragraph 6, to provide information on the ground that, upon weighing the interests involved, they could not reasonably have decided to refuse the information.

1.

Iedere belanghebbende kan de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam verzoeken te bepalen dat gevolg dient te worden gegeven aan hetgeen is bepaald bij deze wet, met uitzondering van artikel 4, voor zo ver het tweede lid niet anders bepaalt, of bij een overeenkomst als bedoeld in de artikelen 11 of 24. Een bijzondere onderhandelingsgroep of de leden daarvan en een Europese ondernemingsraad, ingesteld krachtens deze wet, kunnen niet in de proceskosten van deze procedure worden veroordeeld.

2.

De bijzondere onderhandelingsgroep of de leden daarvan en een Europese ondernemingsraad kunnen aan de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam verzoeken om:

a.

krachtens artikel 4, vierde en vijfde lid, 11, zevende lid of 19, zesde lid, opgelegde geheimhouding op te heffen op de grond dat degene die de geheimhouding heeft opgelegd bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot het opleggen van geheimhouding had kunnen besluiten;

b.

degene die informatie heeft geweigerd krachtens artikel 11, zevende lid, of 19, zesde lid, te verplichten tot het verstrekken van informatie op de grond dat deze bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid tot het weigeren van informatie had kunnen besluiten.