Article 1a
in forceArtificial donor insemination is permitted exclusively if the practitioner possesses:
the donor code of the donor whose sperm or eggs the practitioner wishes to use, and
a reservation for a mother code linked to that donor code or a mother code linked to that donor code which has already been assigned to the woman to be treated.
If, at the time of the treatment, the woman to be treated is the spouse (echtgenoot) or registered partner (geregistreerd partnerschap) of the woman to whom the mother code referred to in paragraph 1, subparagraph b, has already been assigned, or has entered into a cohabitation agreement with that woman, artificial donor insemination is permitted, in deviation from paragraph 1, subparagraph b, using the mother code already assigned.
Kunstmatige donorbevruchting is uitsluitend toegestaan indien de verrichter beschikt over:
de donorcode van de donor van wiens zaadcellen of eicellen de verrichter gebruik wenst te maken, en
een reservering voor een aan die donorcode gekoppelde moedercode of een aan die donorcode gekoppelde moedercode die reeds aan de te behandelen vrouw is toegekend.
Indien ten tijde van de behandeling de te behandelen vrouw de echtgenote of geregistreerde partner is van de vrouw aan wie de in het eerste lid, onderdeel b, bedoelde moedercode reeds is toegekend, of een samenlevingscontract met die vrouw heeft gesloten, is in afwijking van het eerste lid, onderdeel b, kunstmatige donorbevruchting toegestaan met gebruikmaking van de reeds toegekende moedercode.