Dutch Legislation

Article 131

in force

JURISDICTION AND PROCEDURE IN LEGAL ACTIONS RELATING TO EU TRADE MARKS

EU Trade Mark Regulation 2017/1001 · Chapter 10 · In force since None

Source

1. Application may be made to the courts of a Member State, including EU trade mark courts, for such provisional, including protective, measures in respect of an EU trade mark or EU trade mark application as may be available under the law of that State in respect of a national trade mark, even if, under this Regulation, an EU trade mark court of another Member State has jurisdiction as to the substance of the matter.

2. An EU trade mark court whose jurisdiction is based on Article 125(1), (2), (3) or (4) shall have jurisdiction to grant provisional and protective measures which, subject to any necessary procedure for recognition and enforcement pursuant to Chapter III of Regulation (EU) No 1215/2012, are applicable in the territory of any Member State. No other court shall have such jurisdiction.

1. Aan de rechterlijke instanties, met inbegrip van de rechtbanken voor het Uniemerk, van een lidstaat kunnen voor een Uniemerk of aanvragen voor een Uniemerk dezelfde voorlopige en beschermende maatregelen worden gevraagd als het recht van die staat kent voor nationale merken, zelfs indien een rechtbank voor het Uniemerk van een andere lidstaat krachtens deze verordening bevoegd is van het bodemgeschil kennis te nemen.

2. Een krachtens artikel 125, leden 1 tot en met 4, bevoegde rechtbank voor het Uniemerk is bevoegd voorlopige en beschermende maatregelen te bevelen die, onverminderd de procedure voor erkenning en tenuitvoerlegging overeenkomstig hoofdstuk III van Verordening (EU) nr. 1215/2012, van kracht zijn op het grondgebied van elke lidstaat. Geen enkele andere rechterlijke instantie heeft deze bevoegdheid.