Paragraph A1/3
in forceActions following the discovery at the Dutch external border upon entry of a foreign national, whether or not flagged · Entry
The official charged with border control shall grant entry to a foreign national if the latter is in possession of a valid Dutch residence permit or a provisional residence permit (machtiging tot voorlopig verblijf) and there is no doubt as to the lawfulness of this residence permit or provisional residence permit.
The official charged with border control grants entry to an alien if the conditions referred to in Article 6 SGC are met. One of the conditions is that the alien may not be considered a threat to public order, national security or the international relations of one of the Schengen Member States.
The following situations shall be considered a threat to public order:
danger to public order;
danger to public morals;
danger to public health (see A1/4.10 Vc).
If a foreign national is flagged in the SIS or E&S, this constitutes an indication that he poses a threat to public order, national security, or the international relations of one of the Schengen Member States.
A threat to public order exists in any event in the following situations:
the foreign national is flagged in the E&S as an ‘undesirable foreign national’ or as an ‘undesirable declared foreign national’;
the alien is registered in the SIS for the purpose of refusal of entry and stay or regarding return in combination with an entry ban.
The border control officer who has well-founded reasons to suspect that the foreign national is engaging in (political) activities that pose a threat to public order, national security, or international relations shall coordinate with the IND whether entry may be granted to the foreign national.
A foreign national who poses a threat to public order or national security may not reside in the Schengen area during the free period.
The foreign national must satisfy the conditions for entry unless he is in possession of a travel document for refugees issued pursuant to at least one of the following regulations:
the European Agreement on the Abolition of Visas for Refugees (Trb. 1959, no. 153);
the European Agreement on the Transfer of Responsibility for Refugees.
The official charged with the supervision of foreign nationals or the DT&V may not remove this foreign national to his country of origin.
The following applies with due observance of the above, that is to say, Article 6, paragraph 1, SGC must be complied with.
No residence permit or visa for long-term stay and flagged
The official charged with border control shall, upon encountering at the external border a foreign national without a valid residence permit or visa for long-stay for the Netherlands or one of the other Schengen Member States, who is flagged in:
SIS regarding return, whether or not in combination with an entry ban;
SIS for the purpose of refusing entry and stay; or
E&S due to a declaration of undesirability or otherwise for the purpose of refusal of entry to the Netherlands,
the following acts:
granting access to the Netherlands if only a return decision has been issued;
refuse entry to the Netherlands if an entry ban has also been imposed, unless the duration of the entry ban has demonstrably expired;
refuse entry to the Netherlands in the event of an alert in the SIS for the purpose of refusing entry and stay, or in the event of an alert in the E&S for the purpose of refusing entry to the Netherlands;
report the hit in the SIS to the SIRENE Bureau (see paragraph A2/12.5.2 Vc);
inform the IND, so that the IND deletes the Dutch alert regarding return or converts it into an alert for the purpose of refusing entry and stay if an entry ban is in place;
inform the IND in the event of an entry ban imposed by the Netherlands that was imposed before 7 March 2023.
The official charged with border control may not inspect diplomatic officials and other privileged persons in the E&S.
Valid residence permit or visa for long-stay in another Schengen Member State and alerted in E&S
The official charged with border control shall, upon discovering at the external border a foreign national who is in possession of a residence permit or long-stay visa valid for another Member State and who is the subject of an alert in E&S, perform the following act:
refuse entry to the Netherlands.
Valid residence permit or long-stay visa in another Schengen Member State and flagged by another Schengen Member State in the SIS
The official in charge of border control shall, upon encountering at the external border a foreign national who is in possession of a residence permit or long-stay visa valid for a Schengen Member State and who has been the subject of an alert in the SIS for the purpose of return, whether or not accompanied by an entry ban, or for the purpose of refusing entry and stay by another Schengen Member State, perform the following acts:
grants entry to the Netherlands in the event that the foreign national has demonstrated that he is in transit to the Schengen Member State that granted the residence permit. For this, it is not required that the foreign national meets all entry conditions of Article 6, paragraph 1, of the SBC;
reports the hit to the SIRENE Bureau, so that the consultation procedure pursuant to paragraph A2/12.10.4 Vc is followed and, in the event of an alert regarding return, the exchange of information pursuant to paragraph A2/12.5.2 Vc.
Valid residence permit or visa for long-stay in another Schengen Member State and flagged by the Netherlands in SIS
The official in charge of border control shall, upon discovery at the external border of a foreign national who is in possession of a residence permit valid for another Schengen Member State and who has been flagged by the Netherlands in the SIS for the purpose of return in combination with an entry ban, perform the following acts:
grants entry to the Netherlands in the event the alien has made it plausible that he is in transit to the Schengen Member State that granted the residence permit. For this, it is not required that the alien meets all entry conditions of Article 6, paragraph 1, of the SBC;
informs the IND so that the IND initiates the consultation procedure in accordance with paragraph A2/12.10.2.3, under A, Vc.
The SIRENE Bureau shall subsequently, in all the above situations, perform the following acts:
registers the hits reported in SIS;
informs the IND of the hit in SIS if the Netherlands is the alerting Member State;
shall inform the alerting Member State, if there is an alert by another Member State.
De ambtenaar belast met de grensbewaking verleent toegang aan een vreemdeling als die in het bezit is van een geldige Nederlandse verblijfsvergunning of mvv en er geen twijfel bestaat over de rechtmatigheid van deze verblijfsvergunning of mvv.
De ambtenaar belast met de grensbewaking verleent toegang aan een vreemdeling als wordt voldaan aan de voorwaarden genoemd in artikel 6 SGC. Een van de voorwaarden is dat de vreemdeling niet mag worden beschouwd als een gevaar voor de openbare orde, nationale veiligheid of de internationale betrekkingen van één van de Schengenlidstaten.
Onder gevaar voor de openbare orde vallen de volgende situaties:
gevaar voor de openbare rust;
gevaar voor de goede zeden;
gevaar voor de volksgezondheid (zie A1/4.10 Vc).
Als een vreemdeling gesignaleerd staat in het SIS of E&S is dat een indicatie dat hij een gevaar vormt voor de openbare orde, de nationale veiligheid of de internationale betrekkingen van één van de Schengenlidstaten.
Gevaar voor de openbare orde bestaat in ieder geval in de volgende situaties:
de vreemdeling staat in het E&S gesignaleerd als ‘ongewenst vreemdeling’ of als ‘ongewenstverklaarde vreemdeling’;
de vreemdeling staat met het oog op weigering van toegang en verblijf of inzake terugkeer in combinatie met een inreisverbod in het SIS geregistreerd.
De ambtenaar belast met de grensbewaking die gegronde redenen heeft te veronderstellen dat de vreemdeling (politieke) activiteiten ontplooit die een gevaar opleveren voor de openbare orde, de nationale veiligheid of de internationale betrekkingen stemt met de IND af of toegang aan de vreemdeling kan worden verleend.
Een vreemdeling die een gevaar oplevert voor de openbare orde of de nationale veiligheid mag niet tijdens de vrije termijn in het Schengengebied verblijven.
De vreemdeling moet voldoen aan de voorwaarden voor toegang tenzij deze in het bezit is van een reisdocument voor vluchtelingen dat is afgegeven op grond van tenminste één van de volgende regelingen:
de Europese Overeenkomst inzake de afschaffing van visa voor vluchtelingen (Trb. 1959, nr. 153);
de Europese Overeenkomst inzake de overdracht van verantwoordelijkheid met betrekking tot vluchtelingen.
De ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen of de DTenV mag deze vreemdeling niet naar zijn land van herkomst verwijderen.
Het onderstaande geldt met in achtneming van het bovenstaande, dat wil zeggen er moet worden voldaan aan artikel 6, eerste lid, SGC.
Geen verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur en gesignaleerd
De ambtenaar belast met de grensbewaking verricht na het aantreffen aan de buitengrens van een vreemdeling zonder geldige verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur voor Nederland of een van de andere Schengenlidstaten, die gesignaleerd is in:
SIS inzake terugkeer, al dan niet in combinatie met een inreisverbod;
SIS met het oog op weigering van toegang en verblijf; of
E&S vanwege een ongewenstverklaring of anderszins ter fine van weigering van toegang tot Nederland,
de volgende handelingen:
de toegang tot Nederland verlenen als er enkel een terugkeerbesluit is gegeven;
de toegang tot Nederland weigeren als er ook een inreisverbod is opgelegd, tenzij de duur van het inreisverbod aantoonbaar is verstreken;
de toegang tot Nederland weigeren bij een signalering in SIS met het oog op weigering van toegang en verblijf of bij een signalering in E&S ter fine van weigering van toegang tot Nederland;
de treffer in het SIS bij het Bureau SIRENE melden (zie paragraaf A2/12.5.2 Vc);
de IND informeren, zodat de IND de Nederlandse signalering inzake terugkeer wist of omklapt naar een signalering met het oog op weigering van toegang en verblijf als er sprake is van een inreisverbod;
de IND informeren bij een door Nederland opgelegd inreisverbod dat is opgelegd vóór 7 maart 2023.
De ambtenaar belast met de grensbewaking mag diplomatieke ambtenaren en andere geprivilegieerde personen niet in het E&S controleren.
Geldige verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur in andere Schengenlidstaat en gesignaleerd in E&S
De ambtenaar belast met de grensbewaking verricht na het aantreffen aan de buitengrens van een vreemdeling die in het bezit is van een voor een andere lidstaat geldige verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur en die gesignaleerd is in E&S, de volgende handeling:
de toegang tot Nederland weigeren.
Geldige verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur in andere Schengenlidstaat en gesignaleerd door een andere Schengenlidstaat in SIS
De ambtenaar belast met de grensbewaking verricht, na het aantreffen aan de buitengrens van een vreemdeling die in het bezit is van een voor een Schengenlidstaat geldige verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur en die door een andere Schengenlidstaat gesignaleerd is in SIS inzake terugkeer, al dan niet in combinatie met een inreisverbod, of met het oog op weigering van toegang en verblijf de volgende handelingen:
verleent toegang tot Nederland in het geval de vreemdeling aannemelijk heeft gemaakt op doorreis te zijn naar de Schengenlidstaat die de verblijfsvergunning heeft verleend. Hiervoor is niet vereist dat de vreemdeling aan alle toegangsvoorwaarden van artikel 6, eerste lid, SGC voldoet;
meldt de treffer bij Bureau SIRENE, zodat de raadplegingsprocedure volgens paragraaf A2/12.10.4 Vc wordt gevolgd en, als er sprake is van een signalering inzake terugkeer, de informatie-uitwisseling volgens paragraaf A2/12.5.2 Vc.
Geldige verblijfsvergunning of visum voor verblijf van langere duur in andere Schengenlidstaat en gesignaleerd door Nederland in SIS
De ambtenaar belast met de grensbewaking verricht, na het aantreffen aan de buitengrens van een vreemdeling die in het bezit is van een voor een andere Schengenlidstaat geldige verblijfsvergunning en die door Nederland gesignaleerd is in SIS inzake terugkeer in combinatie met een inreisverbod, de volgende handelingen:
verleent toegang tot Nederland in het geval de vreemdeling aannemelijk heeft gemaakt op doorreis te zijn naar de Schengenlidstaat die de verblijfsvergunning heeft verleend. Hiervoor is niet vereist dat de vreemdeling aan alle toegangsvoorwaarden van artikel 6, eerste lid, SGC voldoet;
informeert de IND zodat de IND de raadplegingsprocedure start volgens paragraaf A2/12.10.2.3, onder A, Vc.
Het Bureau SIRENE verricht vervolgens, bij alle bovenstaande situaties de volgende handelingen:
registreert de in SIS gemelde treffers;
informeert de IND over de treffer in SIS als Nederland de signalerende lidstaat is;
informeert de signalerende lidstaat, als sprake is van een signalering door een andere lidstaat.