Article 55
in forceSPECIAL REQUIREMENTS IN CONNECTION WITH MEASURES AT THE BORDER 1) Where a Member has abolished all checks on the transport of goods across its border with another Member with which it forms a customs union, that Member shall not be required to apply the provisions of this Title at that border.
If, within a period not exceeding 10 working days after the applicant has been served notice of the suspension, the customs authorities have not been informed that proceedings leading to a decision on the merits of the case have been initiated by a party other than the defendant, or that the duly empowered authority has taken provisional measures prolonging the suspension of the release of the goods, the goods shall be released, provided that all other conditions for importation or exportation have been complied with; in appropriate cases, this time-limit may be extended by another 10 working days. If proceedings leading to a decision on the merits of the case have been initiated, a review, including a right to be heard, shall take place upon request of the defendant with a view to deciding, within a reasonable period, whether these measures shall be modified, revoked or confirmed. Notwithstanding the above, where the suspension of the release of goods is carried out or continued in accordance with a provisional judicial measure, the provisions of paragraph 6 of Article 50 shall apply.
Indien de douane-autoriteiten niet binnen een tijdvak van ten hoogste 10 werkdagen nadat de verzoeker kennisgeving van de opschorting is gedaan ervan in kennis zijn gesteld dat een procedure met het oog op een beslissing ten principale is aangespannen door een ander dan de verweerder, of dat de naar behoren gemachtigde autoriteit voorlopige maatregelen heeft genomen waarbij de opschorting van het in het vrije verkeer brengen van de goederen wordt verlengd, worden de goederen vrijgegeven, mits is voldaan aan alle andere voorwaarden voor invoer of uitvoer; in passende gevallen kan deze termijn worden verlengd met 10 werkdagen. Indien een procedure met het oog op een beslissing ten principale is aangespannen, vindt op verzoek van de verweerder een herziening plaats, met inbegrip van een recht te worden gehoord, ten einde binnen een redelijke termijn te beslissen of deze maatregelen moeten worden gewijzigd, herroepen of bevestigd. Niettegenstaande het bovenstaande zijn, wanneer de opschorting van het in het vrije verkeer brengen van goederen wordt uitgevoerd of voortgezet in overeenstemming met een voorlopige rechterlijke maatregel, de bepalingen van artikel 50, zesde lid, van toepassing.