Article 50
in forceProvisions regarding European patents
A European patent shall be deemed not to have had, from the outset, the legal effects referred to in Articles 53, 54, paragraph 1, 54a and 72, in whole or in part, to the extent that the patent has been revoked or limited.
The retroactive effect of the revocation does not affect:
a decision, other than a provisional measure, regarding acts in infringement of the right of the patent holder as referred to in Articles 53, 54, paragraph 1, and 54a, or regarding acts as referred to in Article 72, which has become final and conclusive and has been enforced prior to the revocation;
an agreement concluded before the revocation, insofar as it has been performed prior to the revocation; however, on grounds of equity, repayment of amounts paid under this agreement may be demanded, to the extent justified by the circumstances.
For the application of the second paragraph, under (b), the conclusion of an agreement shall also be understood to include the creation of a licence in any other manner indicated in Articles 56, second paragraph, 59 or 60.
Een Europees octrooi wordt geacht van de aanvang af geheel of gedeeltelijk niet de in de artikelen 53, 54, eerste lid, 54a en 72 bedoelde rechtsgevolgen te hebben gehad naar gelang het octrooi geheel of gedeeltelijk is herroepen of beperkt.
De terugwerkende kracht van de herroeping heeft geen invloed op:
een beslissing, niet zijnde een voorlopige voorziening, ter zake van handelingen in strijd met het in de artikelen 53, 54, eerste lid, en 54a bedoelde recht van de octrooihouder of van handelingen als bedoeld in artikel 72, die voor de herroeping in kracht van gewijsde is gegaan en ten uitvoer is gelegd;
een voor de herroeping gesloten overeenkomst, voor zover deze voor de herroeping is uitgevoerd; uit billijkheidsoverwegingen kan echter terugbetaling worden geëist van op grond van deze overeenkomst betaalde bedragen, en wel in de mate als door de omstandigheden gerechtvaardigd is.
Voor de toepassing van het tweede lid, onder b, wordt onder het sluiten van een overeenkomst mede verstaan het ontstaan van een licentie op een andere in de artikelen 56, tweede lid, 59 of 60 aangegeven wijze.