Dutch Legislation

Article 14

in force

Compulsory enforcement

Tax Collection Act 1990 · Chapter III · In force since 2009-07-01

Source
1.

By way of derogation from Article 4:116 of the General Administrative Law Act, the enforcement of a writ of execution, which has been served pursuant to Article 13, paragraph 3, shall not take place until after the service of a renewed order to pay. The service of the renewed order to pay shall be effected in accordance with the rules of the Code of Civil Procedure regarding the service of writs, with the proviso that if service is effected in accordance with Article 47 of that Code, the writ of the tax bailiff shall contain an order to pay within two days; Article 13, paragraph 2, shall apply mutatis mutandis.

2.

The first paragraph shall not apply in the event that the writ of execution can be enforced immediately pursuant to Article 15, paragraph 1, preamble and part c.

1.

In afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht geschiedt de tenuitvoerlegging van een dwangbevel, dat op de voet van artikel 13, derde lid, is betekend, niet dan na betekening van een hernieuwd bevel tot betaling. De betekening van het hernieuwd bevel tot betaling geschiedt overeenkomstig de regels van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering met betrekking tot de betekening van exploten, met dien verstande dat indien de betekening geschiedt overeenkomstig artikel 47 van die wet het exploot van de belastingdeurwaarder een bevel inhoudt om binnen twee dagen te betalen; artikel 13, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.

2.

Het eerste lid vindt geen toepassing ingeval het dwangbevel met toepassing van artikel 15, eerste lid, aanhef en onderdeel c, terstond ten uitvoer kan worden gelegd.