Article 8
in forceAdults who are capable of a reasonable assessment of their interests in this matter may make embryos, which have been created outside the body for the purpose of their own pregnancy but will no longer be used for that purpose, available for:
the pregnancy of another;
the cultivation of embryonic cells for medical purposes, medical and biological scientific research, and medical and biological scientific education;
the performance of scientific research with those embryos permissible under this Act.
The making available may only be done in writing and for no consideration, and not until the persons concerned, including the person whose consent is required pursuant to Article 6, paragraph 4, have been informed of the nature and purpose thereof by the person who stores the embryos. In the event of a difference of opinion between the persons concerned, the making available shall not take place. Each of the persons concerned may, insofar as the embryos have not yet been used, revoke the making available at any time, without stating reasons.
Articles 6 and 7 shall apply mutatis mutandis.
Meerderjarigen die in staat zijn tot een redelijke waardering van hun belangen ter zake, kunnen embryo's die ten behoeve van de eigen zwangerschap buiten het lichaam tot stand zijn gebracht, maar niet meer daarvoor zullen worden gebruikt, ter beschikking stellen ten behoeve van:
de zwangerschap van een ander;
het in kweek brengen van embryonale cellen voor geneeskundige doeleinden, medisch- en biologisch-wetenschappelijk onderzoek en medisch- en biologisch-wetenschappelijk onderwijs;
het verrichten van ingevolge deze wet toelaatbaar wetenschappelijk onderzoek met die embryo's.
De terbeschikkingstelling kan slechts schriftelijk en om niet worden gedaan en niet dan nadat de betrokkenen, waaronder begrepen degene wiens toestemming is vereist op grond van artikel 6, vierde lid, door de zorg van degene die de embryo's bewaart, zijn ingelicht over de aard en het doel ervan. Bij verschil van mening tussen de betrokkenen vindt de terbeschikkingstelling niet plaats. Ieder van de betrokkenen kan, voor zover de embryo's nog niet zijn gebruikt, de terbeschikkingstelling te allen tijde, zonder opgaaf van redenen, herroepen.
De artikelen 6 en 7 zijn van overeenkomstige toepassing.