Article 4:192
in forceConsequences of succession · Acceptance and renunciation of successions and of legacies
An heir accepts the estate unconditionally when he behaves unambiguously and without reservation as an heir who has accepted unconditionally by entering into agreements intended to alienate or encumber assets of the estate or by otherwise withdrawing them from the recourse of creditors. The first sentence does not apply if the heir has already made his choice previously.
If an heir has not yet made his choice, the subdistrict court (kantonrechter) may, at the petition of an interested party, set a time limit for him to do so, which shall commence on the day after the interested party has caused this order to be served upon the heir and has caused the order, with mention of the service effected, to be registered in the estate register (boedelregister). The subdistrict court may, at the petition of the heir, extend the time limit one or more times before the expiry thereof; the extension shall be registered in the estate register.
If the heir allows the period to expire without having made a choice in the meantime, he shall be deemed to accept the estate unconditionally (zuiver aanvaarden).
An heir who has not yet made a choice is deemed to accept under benefit of inventory (beneficiair aanvaarden) when one or more of his co-heirs accept under benefit of inventory by means of a declaration, unless he still accepts the estate unconditionally (zuiver aanvaardt) or renounces (verwerpt) it within three months after he has become aware of that acceptance under benefit of inventory or, if at the time of that acceptance under benefit of inventory a period set or extended in accordance with the second paragraph was running for him, within that period. The unconditional acceptance may only take place in the manner as provided for in the first paragraph of the preceding article.
Een erfgenaam aanvaardt de nalatenschap zuiver wanneer hij zich ondubbelzinnig en zonder voorbehoud als een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam gedraagt doordat hij overeenkomsten aangaat strekkende tot vervreemding of bezwaring van goederen van de nalatenschap of deze op andere wijze aan het verhaal van schuldeisers onttrekt. De eerste volzin is niet van toepassing indien de erfgenaam zijn keuze reeds eerder heeft gedaan.
Indien een erfgenaam zijn keuze nog niet heeft gedaan, kan de kantonrechter hem daarvoor op verzoek van een belanghebbende een termijn stellen, die ingaat op de dag nadat de belanghebbende deze beschikking aan de erfgenaam heeft doen betekenen en de beschikking onder vermelding van de gedane betekening heeft doen inschrijven in het boedelregister. De kantonrechter kan op verzoek van de erfgenaam de termijn voor de afloop daarvan een of meer malen verlengen; de verlenging wordt in het boedelregister ingeschreven.
Laat de erfgenaam de termijn verlopen zonder inmiddels een keuze te hebben gedaan, dan wordt hij geacht de nalatenschap zuiver te aanvaarden.
Een erfgenaam die nog geen keuze heeft gedaan, wordt geacht beneficiair te aanvaarden, wanneer een of meer zijner mede-erfgenamen door een verklaring beneficiair aanvaarden, tenzij hij alsnog de nalatenschap zuiver aanvaardt of verwerpt binnen drie maanden nadat hij van die beneficiaire aanvaarding kennis heeft gekregen of, indien voor hem op het tijdstip van die beneficiaire aanvaarding een overeenkomstig het tweede lid gestelde of verlengde termijn liep, binnen die termijn. De zuivere aanvaarding kan slechts geschieden op de wijze als bepaald in het eerste lid van het vorige artikel.