Article 1:253ha
in forceCustody of minor children · Parental authority · § Authority following the declaration of majority
The minor female who, as the person who has parental authority, wishes to care for and raise her child may, if she has reached the age of sixteen years, petition the juvenile court to declare her of age.
The petition may also be made on behalf of the woman by the Child Care and Protection Board. To this end, it requires her written consent. The petition shall lapse if the woman withdraws her consent.
The petition may also be filed by or on behalf of the woman prior to the delivery, as well as in the event that the woman will only have reached the age of sixteen years around the time of her delivery. In that case, the petition shall not be decided upon until after the delivery or, if the woman has not yet reached the age of sixteen years at that time, after she has reached that age.
The juvenile judge shall grant the petition only if he deems this desirable in the interest of the mother and her child. If another person is charged with authority, the mother shall be charged therewith.
The minor woman is competent to act in legal proceedings and to lodge an appeal against a decision.
De minderjarige vrouw die als degene die het gezag heeft, haar kind wenst te verzorgen en op te voeden kan, indien zij de leeftijd van zestien jaren heeft bereikt, de kinderrechter verzoeken haar meerderjarig te verklaren.
Het verzoek kan ten behoeve van de vrouw ook worden gedaan door de raad voor de kinderbescherming. Deze behoeft hiertoe haar schriftelijke toestemming. Het verzoek vervalt, indien de vrouw haar toestemming intrekt.
Het verzoek kan ook voor de bevalling door of ten behoeve van de vrouw worden gedaan, alsmede indien de vrouw eerst omstreeks het tijdstip van haar bevalling de leeftijd van zestien jaren zal hebben bereikt. In dat geval wordt op het verzoek niet eerder dan na de bevalling of, indien de vrouw op dat tijdstip nog geen zestien jaar is, nadat zij die leeftijd heeft bereikt, beslist.
De kinderrechter willigt het verzoek slechts in, indien hij dit in het belang van de moeder en haar kind wenselijk oordeelt. Indien een ander met het gezag is belast, wordt de moeder daarmee belast.
De minderjarige vrouw is bekwaam in rechte op te treden en tegen een uitspraak beroep in te stellen.