Dutch Legislation

Article 20

in force

Perspective plan

Juvenile Institutions Act · Chapter V · In force since 2011-07-01

Source
1.

The director of an institution shall establish a perspective plan for the juvenile no later than three weeks after the juvenile's entry. Before establishing the plan, the director shall consult with the juvenile. The first sentence does not apply to juveniles who are undergoing substitute juvenile detention in the institution for a duration of less than three weeks.

2.

Rules shall be established by Order in Council regarding the minimum requirements to which a perspective plan must comply, the regulations to be observed upon its amendment, and the periodic evaluation of the perspective plan.

1.

De directeur van een inrichting stelt uiterlijk binnen drie weken na de binnenkomst van de jeugdige een perspectiefplan voor hem vast. Alvorens het plan vast te stellen, overlegt hij met de jeugdige. De eerste volzin is niet van toepassing op jeugdigen die in de inrichting een vervangende jeugddetentie ondergaan van een kortere duur dan drie weken.

2.

Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de eisen waaraan een perspectiefplan ten minste moet voldoen, de voorschriften die bij wijziging daarvan in acht genomen moeten worden en de periodieke evaluatie van het perspectiefplan.