Article 39a
in forceTransitional and final provisions
If, during the processing of the notification or the assessment referred to in Article 38, paragraph 2, it appears that the employer, without sound reason, fails to comply or fails to fully comply with its obligations pursuant to the second sentence of that paragraph or Article 71a, paragraph 1, 2, or 5 of the Disability Insurance Act (Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering) or the rules established pursuant to paragraph 7 of that Article, or pursuant to Article 25, paragraph 1, 2, or 5 of the Work and Income (Capacity for Work) Act (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen) or the rules established pursuant to paragraph 7 of that Article, or has performed insufficient reintegration efforts, the Employee Insurance Agency (Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen) shall recover from that employer the sickness benefit, as well as the premiums due on this benefit pursuant to any law which cannot be deducted from this benefit and the income-related contribution referred to in Article 42 of the Healthcare Insurance Act (Zorgverzekeringswet), which will be paid over a period to be determined by the Employee Insurance Agency. This period shall commence on the first day of incapacity for work after the employment relationship has ended and shall be aligned with the period during which the employer failed to comply with the obligations or rules referred to in the previous sentence or performed insufficient reintegration efforts. The period shall be at most 52 weeks. If, within the period determined by the Employee Insurance Agency, a period of incapacity for work is interrupted by capacity for work for a period of four weeks or more, the sickness benefit for the period of incapacity for work occurring after those four or more weeks shall not be recovered from the employer referred to in the first sentence. The Employee Insurance Agency shall establish rules regarding the determination of the period referred to in the second sentence. These rules require the approval of Our Minister.
If the employer referred to in the first paragraph no longer exists, for the purposes of the application of the first paragraph, employer shall be understood to mean the legal successor (rechtsopvolger) of that employer. The first sentence shall not apply with respect to the legal successor after bankruptcy.
The Employee Insurance Agency (Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen) may recover the amounts referred to in the first paragraph by means of a writ of execution (dwangbevel).
Further rules may be established by ministerial regulation.
Indien bij de behandeling van de aangifte of de beoordeling, bedoeld in artikel 38, tweede lid, blijkt dat de werkgever zonder deugdelijke grond zijn verplichtingen op grond van de tweede zin van dat lid of artikel 71a, eerste, tweede, of vijfde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering dan wel de krachtens het zevende lid van dat artikel gestelde regels of op grond van artikel 25, eerste, tweede, of vijfde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel de krachtens het zevende lid van dat artikel gestelde regels, niet of niet volledig nakomt of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht, verhaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op die werkgever het ziekengeld, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkering verschuldigde premies die niet op deze uitkering in mindering kunnen worden gebracht en de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 42 van de Zorgverzekeringswet, dat zal worden betaald over een door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vast te stellen tijdvak. Dit tijdvak vangt aan op de eerste dag van ongeschiktheid tot werken nadat de dienstbetrekking is geëindigd en wordt afgestemd op de periode waarin de werkgever de in de vorige volzin bedoelde verplichtingen of regels niet is nagekomen of onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht. Het tijdvak bedraagt ten hoogste 52 weken. Indien binnen het door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vastgestelde tijdvak een periode van ongeschiktheid tot werken gedurende een periode van vier weken of meer wordt onderbroken door geschiktheid tot werken, wordt het ziekengeld over de periode van ongeschiktheid tot werken die is gelegen na die vier weken of meer weken, niet verhaald op de werkgever, bedoeld in de eerste zin. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt regels met betrekking tot het vaststellen van het in de tweede zin bedoelde tijdvak. Deze regels behoeven de goedkeuring van Onze Minister.
Indien de werkgever, bedoeld in het eerste lid, niet meer bestaat, wordt voor de toepassing van het eerste lid onder werkgever verstaan de rechtsopvolger van die werkgever. De eerste zin is niet van toepassing met betrekking tot de rechtsopvolger na faillissement.
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan de in het eerste lid bedoelde bedragen invorderen bij dwangbevel.
Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld.