Article 13e
in forceProvisional measures · Seizure
In the mutatis mutandis application of Articles 552a and 552c of the Code of Criminal Procedure, the court shall not enter into a new examination of the rights of interested parties if a decision has been rendered in that regard by the foreign court. The court may, however, enter into such a new examination if:
that the judgment relates to rights regarding immovable property situated in the Netherlands or registered property registered in the Netherlands;
that judgment concerns the validity, the nullity or the dissolution of legal persons established in the Netherlands or the resolutions of their bodies;
that judgment was rendered without the interested party, against whom a default judgment was granted, having been officially notified of the proceedings in sufficient time to be reasonably necessary for the purpose of his defence;
that the judgment is incompatible with a judicial decision previously rendered in the Netherlands in the same matter;
recognition of that judgment would be incompatible with Dutch public policy.
If and for as long as proceedings regarding the rights of an interested party are pending before the court of the requesting foreign state, such party shall be inadmissible in its petition or claim.
Bij de overeenkomstige toepassing van de artikelen 552a, onderscheidenlijk 552c van het Wetboek van Strafvordering treedt de rechter niet in een nieuw onderzoek naar de rechten van belanghebbenden, indien daaromtrent door de buitenlandse rechter een uitspraak is gedaan. De rechter kan echter wel in een dergelijk nieuw onderzoek treden indien:
die uitspraak betrekking heeft op rechten terzake van in Nederland gelegen onroerende goederen of in Nederland te boek gestelde registergoederen;
die uitspraak betreft de geldigheid, de nietigheid of de ontbinding van in Nederland gevestigde rechtspersonen of de besluiten van hun organen;
die uitspraak is gedaan, zonder dat de belanghebbende, tegen wie verstek werd verleend, zo tijdig tevoren als met het oog op zijn verdediging redelijkerwijs nodig was van het geding officieel in kennis was gesteld;
die uitspraak onverenigbaar is met een ter zake eerder in Nederland gewezen rechterlijke beslissing;
erkenning van die uitspraak onverenigbaar zou zijn met de Nederlandse openbare orde.
Indien en zolang ter zake van de rechten van een belanghebbende een procedure voor de rechter van de vezoekende vreemde staat aanhangig is, is deze in zijn klaagschrift of vordering niet ontvankelijk.