Article 3:2
in forceConditional sentencing, conditional release and community service orders · General provisions
Eligible for recognition and enforcement in the Netherlands or transmission to another Member State of the European Union are judicial decisions in which or on the basis of which one or more of the following obligations have been imposed, which must be complied with by the convicted person during a probationary period or must be executed within a certain term:
the obligation to notify a specific authority of a change of residence or of the place where one works;
the obligation to report to a specific authority at specific times;
the prohibition to enter certain locations, places or demarcated areas;
the restriction of the right to leave the executing Member State;
the prohibition to establish or to have established contact with certain persons or institutions;
the prohibition to have contact with certain objects that have been used or may be used by the convicted person to commit a criminal offence;
the obligation to compensate for the damage caused by the criminal offence or to provide proof that this obligation has been fulfilled;
the obligation to cooperate with the probation service or with a social service agency charged with responsibilities towards convicted persons;
the order to undergo therapy or a detoxification treatment;
the obligation to perform a community service order;
obligations regarding conduct, place of residence, education, the spending of leisure time, or obligations that entail restrictions on or conditions regarding the practice of a profession.
By Order in Council, it may be designated which obligations, other than those mentioned in the first paragraph, may be enforced in the Netherlands.
Vatbaar voor erkenning en tenuitvoerlegging in Nederland dan wel toezending aan een andere lidstaat van de Europese Unie zijn rechterlijke uitspraken, waarbij of op grond waarvan een of meer van de volgende verplichtingen zijn opgelegd, die door de veroordeelde gedurende een proeftijd moeten worden nageleefd of binnen een bepaalde termijn moeten zijn uitgevoerd:
het gebod een bepaalde autoriteit in kennis te stellen van een verandering van woonplaats of van de plaats waar hij werkt;
het gebod zich op bepaalde tijdstippen bij een bepaalde instantie te melden;
het verbod bepaalde locaties, plaatsen of afgebakende gebieden te betreden;
de beperking van het recht om de uitvoerende lidstaat te verlaten;
het verbod contact te leggen of te laten leggen met bepaalde personen of instellingen;
het gebod contact te vermijden met bepaalde zaken die door de veroordeelde zijn gebruikt of kunnen worden gebruikt om een strafbaar feit te plegen;
het gebod de door het strafbare feit veroorzaakte schade te vergoeden of het bewijs te leveren dat aan die verplichting is voldaan;
het gebod samen te werken met de reclassering of met een maatschappelijke dienst die met verantwoordelijkheden jegens veroordeelden is belast;
het gebod een therapie of ontwenningskuur te ondergaan;
de verplichting een taakstraf te verrichten;
verplichtingen betreffende het gedrag, de woonplaats, opleiding, de vrijetijdsbesteding, dan wel verplichtingen die beperkingen op of voorwaarden inzake de beroepsuitoefening inhouden.
Bij algemene maatregel van bestuur kan worden aangewezen welke andere verplichtingen dan genoemd in het eerste lid, in Nederland ten uitvoer kunnen worden gelegd.