Article 3a
in forceVoorwerp van de belasting
Insofar as the contribution for shares in a company consists of shares in another company, only that which has been paid up on the last-mentioned shares, reduced by any additional cash payments, shall be regarded as paid up with respect to all shareholders. By way of derogation from the first sentence, in the event that such other company is not established in the Netherlands, the fair market value of the contributed shares at the time of the contribution shall be regarded as paid-up capital, unless this share exchange is predominantly aimed at avoiding or deferring taxation.
In the event of a universal succession in the context of a division of a legal entity, for all shareholders, at most a proportional part of the amount of the capital paid up on the shares in the dividing legal entity shall be regarded as capital paid up on the shares granted by the acquiring legal entities in the context of the division, and, in the event of a division whereby the dividing legal entity continues to exist, the capital paid up on the shares in the dividing legal entity shall be reduced to the same extent. If a cash payment is made in the context of the division, the capital paid up on the shares in the dividing legal entity shall be reduced by this cash payment for the application of the first sentence. By way of derogation from the first and second sentences, in the event that the dividing legal entity is not established in the Netherlands, the fair market value of the assets that are transferred to the acquiring legal entity as a result of the division shall be regarded as capital paid up on the shares issued by the acquiring legal entity in the context of the division, insofar as the assets do not consist of shares in a company established in the Netherlands, unless this division is predominantly aimed at avoiding or deferring tax liability.
For the application of the second paragraph, a proportionate part shall be understood to mean: a part that is proportionate to the ratio between the fair market value at the time of the division of the assets of the dividing legal entity that are transferred to the acquiring legal entity and the fair market value at the time of the division of the entire assets of the dividing legal entity.
In the event that the demerging legal entity is established in the Netherlands and the transfer under universal title in the context of a demerger is predominantly aimed at avoiding or deferring tax liability, the second paragraph, first and second sentences, shall not apply, and that which is received by a shareholder as such in the demerger shall be regarded as a distribution of profit by the demerging legal entity.
In the event of a universal succession in the context of a merger of a legal person:
in the event that shares are allotted in the context of the merger: with regard to all shareholders, at most the amount of the capital paid up on the shares in the disappearing legal entity, reduced by a cash payment that takes place in the context of the merger, shall be regarded as paid-up capital on the shares allotted by the acquiring legal entity in the context of the merger; or
in the event that no shares are allotted in the context of the merger and the shareholder, at the time of the merger, holds all shares in the disappearing legal entity and the acquiring legal entity: with respect to the shareholder, the paid-up capital in the acquiring legal entity increased by at most the capital paid up on the shares in the disappearing legal entity.
In the event that the disappearing legal entity is not established in the Netherlands, for the application of the fifth paragraph, the capital paid up on the shares in the disappearing legal entity shall be deemed to be the fair market value of the assets that, as a result of the merger, are transferred to the acquiring legal entity, insofar as the assets do not consist of shares in a company established in the Netherlands, unless the merger is predominantly aimed at avoiding or deferring taxation.
For the application of the first, second, fourth, fifth and sixth paragraphs, a share-for-share exchange, a demerger and a merger shall, unless the contrary is proven, be deemed to be aimed predominantly at the avoidance or deferral of taxation if the share-for-share exchange, the demerger, or the merger, respectively, does not take place on the basis of valid business reasons, such as the restructuring or rationalisation of the active business activities of the legal entities involved in the share-for-share exchange, the demerger, or the merger, respectively. In the case of a demerger, valid business reasons shall furthermore not be deemed to exist if the assets transferred to the other legal entity in the demerger consist primarily, directly or indirectly, of investments, including liquid assets, or if that which remains with the demerging legal entity consists primarily, directly or indirectly, of investments, unless the investments that are transferred or remain, respectively, do not represent a segregation of retained earnings.
The legal entity that desires certainty regarding the question of whether a share exchange, a demerger, or a merger is predominantly aimed at avoiding or deferring tax liability may, prior to the share exchange, the demerger, or the merger, respectively, submit a petition to the inspector, who shall decide thereon by way of an appealable decision.
Voor zover de storting op aandelen in een vennootschap bestaat uit aandelen in een andere vennootschap wordt ten aanzien van alle aandeelhouders slechts als gestort aangemerkt hetgeen op de laatstbedoelde aandelen is gestort, verminderd met hetgeen in contanten is bijbetaald. In afwijking van de eerste volzin wordt, ingeval die andere vennootschap niet in Nederland is gevestigd, als gestort kapitaal aangemerkt de waarde in het economische verkeer van de ingebrachte aandelen ten tijde van de storting, tenzij deze aandelenruil in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing.
In geval van een overgang onder algemene titel in het kader van een splitsing van een rechtspersoon wordt ten aanzien van alle aandeelhouders ten hoogste een evenredig gedeelte van het bedrag van het op de aandelen in de splitsende rechtspersoon gestorte kapitaal aangemerkt als gestort kapitaal op de door de verkrijgende rechtspersonen in het kader van de splitsing toegekende aandelen, en wordt, in geval van een splitsing waarbij de splitsende rechtspersoon blijft bestaan, het op de aandelen in de splitsende rechtspersoon gestorte kapitaal in dezelfde mate verminderd. Indien in het kader van de splitsing een bijbetaling in contanten plaatsvindt, wordt voor de toepassing van de eerste volzin het op de aandelen in de splitsende rechtspersoon gestorte kapitaal verminderd met deze bijbetaling. In afwijking van de eerste en tweede volzin wordt, ingeval de splitsende rechtspersoon niet in Nederland is gevestigd, als gestort kapitaal op de door de verkrijgende rechtspersoon in het kader van de splitsing uitgereikte aandelen aangemerkt de waarde in het economische verkeer van het vermogen dat als gevolg van de splitsing overgaat op de verkrijgende rechtspersoon voor zover het vermogen niet bestaat uit aandelen in een in Nederland gevestigde vennootschap, tenzij deze splitsing in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing.
Voor de toepassing van het tweede lid wordt onder een evenredig gedeelte verstaan: een gedeelte dat evenredig is aan de verhouding tussen de waarde in het economische verkeer ten tijde van de splitsing van de vermogensbestanddelen van de splitsende rechtspersoon die overgaan op de verkrijgende rechtspersoon en de waarde in het economische verkeer ten tijde van de splitsing van het gehele vermogen van de splitsende rechtspersoon.
Ingeval de splitsende rechtspersoon in Nederland is gevestigd en de overgang onder algemene titel in het kader van een splitsing in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing, blijft het tweede lid, eerste en tweede volzin, buiten toepassing en wordt hetgeen bij de splitsing door een aandeelhouder als zodanig wordt genoten aangemerkt als een uitdeling van winst door de splitsende rechtspersoon.
In geval van een overgang onder algemene titel in het kader van een fusie van een rechtspersoon wordt:
ingeval in het kader van de fusie aandelen worden toegekend: ten aanzien van alle aandeelhouders ten hoogste het bedrag van het op de aandelen in de verdwijnende rechtspersoon gestorte kapitaal verminderd met een bijbetaling in contanten die in het kader van de fusie plaatsvindt, aangemerkt als gestort kapitaal op de door de verkrijgende rechtspersoon in het kader van de fusie toegekende aandelen; of
ingeval in het kader van de fusie geen aandelen worden toegekend en de aandeelhouder ten tijde van de fusie alle aandelen bezit in de verdwijnende en de verkrijgende rechtspersoon: ten aanzien van de aandeelhouder het gestorte kapitaal in de verkrijgende rechtspersoon vermeerderd met ten hoogste het op de aandelen in de verdwijnende rechtspersoon gestorte kapitaal.
Ingeval de verdwijnende rechtspersoon niet in Nederland is gevestigd, wordt voor de toepassing van het vijfde lid als het op de aandelen in de verdwijnende rechtspersoon gestorte kapitaal aangemerkt de waarde in het economische verkeer van het vermogen dat als gevolg van de fusie overgaat op de verkrijgende rechtspersoon voor zover het vermogen niet bestaat uit aandelen in een in Nederland gevestigde vennootschap, tenzij de fusie in overwegende mate is gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing.
Een aandelenruil, een splitsing en een fusie worden voor de toepassing van het eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, tenzij het tegendeel aannemelijk wordt gemaakt, geacht in overwegende mate te zijn gericht op het ontgaan of uitstellen van belastingheffing indien de aandelenruil, de splitsing, respectievelijk de fusie, niet plaatsvindt op grond van zakelijke overwegingen, zoals herstructurering of rationalisering van de actieve werkzaamheden van de bij de aandelenruil, de splitsing, respectievelijk de fusie, betrokken rechtspersonen. Bij een splitsing worden zakelijke overwegingen voorts niet aanwezig geacht indien de activa die bij de splitsing overgaan op de andere rechtspersoon hoofdzakelijk, onmiddellijk of middellijk, bestaan uit beleggingen, liquide middelen daaronder begrepen, of indien hetgeen bij de splitsende rechtspersoon achterblijft hoofdzakelijk, onmiddellijk of middellijk, bestaat uit beleggingen, tenzij de beleggingen die overgaan, respectievelijk achterblijven, geen afzondering van ingehouden winst representeren.
De rechtspersoon die zekerheid wenst omtrent de vraag of een aandelenruil, een splitsing of een fusie in overwegende mate is gericht op het ontgaan of het uitstellen van belastingheffing, kan vóór de aandelenruil, de splitsing, respectievelijk de fusie, een verzoek indienen bij de inspecteur die daarop bij voor bezwaar vatbare beschikking beslist.