Article 40
in forceSTRUCTURE OF THE SCE
1. The management organ shall report to the supervisory organ at least once every three months on the progress and foreseeable developments of the SCE's business, taking account of any information relating to undertakings controlled by the SCE that may significantly affect the progress of the SCE's business.
2. In addition to the regular information referred to in paragraph 1, the management organ shall promptly communicate to the supervisory organ any information on events likely to have an appreciable effect on the SCE.
3. The supervisory organ may require the management organ to provide information of any kind, which it needs to exercise supervision in accordance with Article 39(1). A Member State may provide that each member of the supervisory organ also be entitled to this facility.
4. The supervisory organ may undertake or arrange for any investigations necessary for the performance of its duties.
5. Each member of the supervisory organ shall be entitled to examine all information submitted to it.
1. Het leidinggevend orgaan brengt aan het toezichthoudend orgaan ten minste om de drie maanden verslag uit over de gang van zaken bij de SCE en de verwachte ontwikkeling, waarbij ook rekening wordt gehouden met de informatie betreffende de ondernemingen waarover de SCE zeggenschap heeft, wanneer die voor de gang van zaken bij de SCE van belang kan zijn.
2. Naast de in lid 1 bedoelde periodieke informatie verstrekt het leidinggevend orgaan het toezichthoudend orgaan onverwijld alle inlichtingen over aangelegenheden die belangrijke gevolgen voor de SCE kunnen hebben.
3. Het toezichthoudend orgaan kan aan het leidinggevend orgaan alle gegevens vragen die nodig zijn voor het door het toezichthoudend orgaan overeenkomstig artikel 39, lid 1, uit te oefenen toezicht. Een lidstaat kan bepalen dat ieder lid van het toezichthoudend orgaan over diezelfde mogelijkheid beschikt.
4. Het toezichthoudend orgaan kan de voor het uitoefenen van zijn taak noodzakelijke verificaties verrichten of laten verrichten.
5. Ieder lid van het toezichthoudend orgaan heeft het recht kennis te nemen van alle inlichtingen die aan dit orgaan worden verstrekt.