Article 35
in forceFORMATION
1. Without prejudice to Article 11, the conversion of a cooperative into an SCE shall not result in the winding-up of the cooperative or in the creation of a new legal person.
2. The registered office may not be transferred from one Member State to another pursuant to Article 7 at the same time as the conversion is effected.
3. The administrative or management organ of the cooperative in question shall draw up draft terms of conversion and a report explaining and justifying the legal and economic aspects as well as the employment effects of the conversion and indicating the implications for members and employees of the adoption of the form of an SCE.
4. The draft terms of conversion shall be made public in the manner laid down in each Member State's law at least one month before the general meeting called upon to decide thereon.
5. Before the general meeting referred to in paragraph 6, one or more independent experts appointed or approved, in accordance with the national provisions, by a judicial or administrative authority in the Member State to which the cooperative being converted into an SCE is subject shall certify mutatis mutandis that the rules of Article 22(1)(b) are respected.
6. The general meeting of the cooperative in question shall approve the draft terms of conversion together with the statutes of the SCE.
7. Member States may make a conversion conditional on a favourable vote of a qualified majority or unanimity in the controlling organ of the cooperative to be converted within which employee participation is organised.
8. The rights and obligations of the cooperative to be converted on both individual and collective terms and conditions of employment arising from national law, practice and individual employment contracts or employment relationships and existing at the date of the registration shall, by reason of such registration, be transferred to the SCE.
1. Onverminderd het bepaalde in artikel 11 leidt de omzetting van een coöperatie in een SCE noch tot ontbinding van de coöperatie, noch tot oprichting van een nieuwe rechtspersoon.
2. Bij de omzetting kan de statutaire zetel niet op grond van artikel 7 van een lidstaat naar een andere lidstaat worden verplaatst.
3. Het leidinggevend of het bestuursorgaan van de betrokken coöperatie stelt een voorstel tot omzetting op, alsmede een verslag waarin de juridische en economische aspecten van de omzetting en de gevolgen daarvan voor de werkgelegenheid worden toegelicht en onderbouwd, en de gevolgen van de keuze van de SCE als rechtsvorm voor de leden en voor de werknemers worden uiteengezet.
4. Het voorstel tot omzetting wordt, ten minste een maand vóór de datum van de algemene vergadering die zich over de omzetting moet uitspreken, bekendgemaakt op de in de wetgeving van elke lidstaat vastgestelde wijze.
5. Vóór de in lid 6 bedoelde algemene vergadering wordt door een of meer onafhankelijke deskundigen, die volgens de nationale voorschriften zijn aangewezen of toegelaten door een rechterlijke of administratieve instantie in de lidstaat waaronder de in een SCE om te zetten coöperatie ressorteert, mutatis mutandis vastgesteld dat is voldaan aan de voorschriften van artikel 22, lid 1, onder b).
6. De algemene vergadering van de betrokken coöperatie keurt het voorstel tot omzetting en de statuten van de SCE goed.
7. De lidstaten mogen als voorwaarde voor de omzetting stellen dat het controle-orgaan van de om te zetten coöperatie waarin de medezeggenschap van de werknemers wordt georganiseerd, met gekwalificeerde meerderheid of eenparigheid een gunstig standpunt inneemt.
8. De rechten en verplichtingen van de om te zetten coöperatie inzake de individuele en collectieve arbeidsvoorwaarden die voortvloeien uit de nationale wetgeving en praktijken en de individuele arbeidsovereenkomsten of dienstverbanden en die op de datum van inschrijving bestaan, worden op grond van die inschrijving op de SCE overgedragen.