Article 2
in forceGENERAL PROVISIONS
1. An SCE may be formed as follows:
- by five or more natural persons resident in at least two Member States,
- by five or more natural persons and companies and firms within the meaning of the second paragraph of Article 48 of the Treaty and other legal bodies governed by public or private law, formed under the law of a Member State, resident in, or governed by the law of, at least two different Member States,
- by companies and firms within the meaning of the second paragraph of Article 48 of the Treaty and other legal bodies governed by public or private law formed under the law of a Member State which are governed by the law of at least two different Member States,
- by a merger between cooperatives formed under the law of a Member State with registered offices and head offices within the Community, provided that at least two of them are governed by the law of different Member States,
- by conversion of a cooperative formed under the law of a Member State, which has its registered office and head office within the Community if for at least two years it has had an establishment or subsidiary governed by the law of another Member State.
2. A Member State may provide that a legal body the head office of which is not in the Community may participate in the formation of an SCE provided that legal body is formed under the law of a Member State, has its registered office in that Member State and has a real and continuous link with a Member State's economy.
1. De SCE kan als volgt worden opgericht:
- door ten minste vijf natuurlijke personen die in ten minste twee lidstaten woonachtig zijn;
- door ten minste vijf natuurlijke personen en vennootschappen in de zin van artikel 48, tweede alinea, van het Verdrag, en andere overeenkomstig het recht van een lidstaat opgerichte publiekrechtelijke of privaatrechtelijke lichamen, die woonachtig zijn in c.q. ressorteren onder het recht van ten minste twee verschillende lidstaten;
- door vennootschappen in de zin van artikel 48, tweede alinea, van het Verdrag en andere overeenkomstig het recht van een lidstaat opgerichte publiekrechtelijke of privaatrechtelijke lichamen die onder het recht van ten minste twee verschillende lidstaten ressorteren;
- door fusie van overeenkomstig het recht van een lidstaat opgerichte coöperaties met statutaire zetel en hoofdbestuur in de Gemeenschap, indien ten minste twee van die coöperaties onder het recht van verschillende lidstaten ressorteren;
- door omzetting van een coöperatie die overeenkomstig het recht van een lidstaat is opgericht en haar statutaire zetel en hoofdbestuur in de Gemeenschap heeft en sinds ten minste twee jaar een vestiging of een dochteronderneming heeft die onder het recht van een andere lidstaat ressorteert.
2. Een lidstaat kan bepalen dat een juridisch lichaam dat zijn hoofdbestuur niet in de Gemeenschap heeft, kan deelnemen aan de oprichting van een SCE, op voorwaarde dat het overeenkomstig het recht van een lidstaat is opgericht, zijn statutaire zetel in die lidstaat heeft en een daadwerkelijk en duurzaam verband met de economie van een lidstaat heeft.