Article 13
in forceThe Union shall have a General Assembly, composed of the countries of the Union bound by Articles 13 to 17 inclusive.
The Government of each country is represented by a delegate, who may be assisted by alternates, advisers and experts.
The costs incurred by each delegation shall be borne by the Government that appointed it.
The General Meeting:
shall deal with all issues concerning the maintenance and development of the Union and the application of this Treaty;
provided to the International Bureau for Intellectual Property (hereinafter referred to as "the International Bureau") referred to in the Convention Establishing the World Intellectual Property Organization (hereinafter referred to as "the Organization") guidelines concerning the preparation of the revision conferences, hereby duly taking into account the observations of the countries of the Union which are not bound by Articles 13 to 17 inclusive;
examines and approves the reports and activities of the Director-General of the Organization regarding the Union and provides them with all relevant guidelines concerning matters within the competence of the Union;
elects the members of the Executive Committee of the General Assembly;
examines and approves the reports and activities of, and provides guidelines to, its Executive Committee;
establishes the programme and the biennial budget of the Union and approves the accounts;
establishes the financial regulation of the Union;
establishes such committees of experts and working groups as it considers necessary for the realisation of the objectives of the Union;
decides which countries that are not members of the Union, and which intergovernmental and non-governmental international organisations, may be admitted as observers to its meetings;
adopts the amendments to Articles 13 up to and including 17;
performs every act that is conducive to the realisation of the objectives of the Union;
performs all other tasks inherent in this Convention;
exercises, subject to her acceptance thereof, the rights granted to her by the Treaty establishing the Organization.
With regard to issues that also affect other Unions administered by the Organization, the General Assembly shall decide after the advice of the Coordination Committee of the Organization has been obtained.
Subject to the provisions under (b), a delegate may represent only one country.
Countries of the Union which, by virtue of a special agreement, have a common office that serves for each of them as a special national industrial property service as referred to in Article 12, may be represented collectively by one of them during discussions.
Each country that is a member of the General Assembly has one vote.
The quorum is constituted by half of the countries that are members of the General Assembly.
Notwithstanding the provisions under letter b), if during a session the number of countries represented is less than one-half but equal to or greater than one-third of the countries that are members of the General Assembly, decisions may be taken by that Assembly; however, the decisions of the General Assembly, with the exception of those concerning its own procedure, shall only become enforceable if the conditions mentioned hereafter are fulfilled. The International Bureau shall communicate the decisions referred to herein to the countries that are members of the General Assembly which were not represented and shall invite them to express their vote or their abstention in writing within a period of three months from the date of the said communication. If, upon the expiration of this period, the number of countries that have thus expressed their vote or their abstention is at least equal to the number of countries that was lacking for the quorum at the session, the said decisions shall become enforceable, provided that the required majority is attained at the same time.
Subject to the provisions of the second paragraph of Article 17, resolutions of the General Meeting shall be adopted by a majority of two-thirds of the votes cast.
An abstention shall not count as a vote.
Without prejudice to the provisions under (b), a delegate may cast a vote on behalf of only one country.
The countries of the Union referred to in the third paragraph, under letter b), shall generally endeavour to be represented at the sessions of the General Assembly by their own delegation. If, however, for exceptional reasons, one of these countries is unable to be represented by its own delegation, it may authorise the delegation of another country to vote on its behalf, on the understanding that a delegation may vote by proxy for only one country. Every proxy to this effect must be set out in a document signed by the Head of State or by the competent minister.
The Union countries that are not members of the General Assembly may attend its meetings as observers.
The General Assembly shall meet in ordinary session once every two years upon the invitation of the Director-General and, except in exceptional circumstances, during the same period and at the same place as the General Assembly of the Organization.
The General Assembly shall convene in an extraordinary session at the invitation of the Director-General pursuant to a petition from the Executive Committee or pursuant to a petition from one-fourth of the countries that are members of the General Assembly.
The General Meeting shall adopt its rules of procedure.
De Unie kent een Algemene Vergadering, samengesteld uit de landen van de Unie gebonden door de artikelen 13 tot en met 17.
De Regering van elk land is vertegenwoordigd door een afgevaardigde, die zich kan doen bijstaan door plaatsvervangers, adviseurs en deskundigen.
De door elke delegatie gemaakte kosten worden gedragen door de Regering die haar heeft aangewezen.
De Algemene Vergadering:
neemt alle vraagstukken in behandeling betreffende de instandhouding en de ontwikkeling van de Unie en de toepassing van dit Verdrag;
verstrekt aan het Internationaal Bureau voor de Intellectuele Eigendom (hierna te noemen „het Internationale Bureau”) bedoeld in het Verdrag tot oprichting van de Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom (hierna te noemen „de Organisatie”) richtlijnen betreffende de voorbereiding van de herzieningsconferenties, hierbij deugdelijk rekening houdende met de opmerkingen van de landen van de Unie die niet zijn gebonden door de artikelen 13 tot en met 17;
bestudeert en hecht haar goedkeuring aan de rapporten en werkzaamheden van de Directeur-Generaal van de Organisatie met betrekking tot de Unie en geeft deze alle van belang zijnde richtlijnen met betrekking tot de vraagstukken ter zake van de competentie van de Unie;
kiest de leden van de Uitvoerende Oommissie van de Algemene Vergadering;
bestudeert en hecht haar goedkeuring aan de rapporten en werkzaamheden van en geeft richtlijnen aan haar Uitvoerende Commissie;
stelt het programma en de tweejaarlijkse begroting van de Unie vast en keurt afrekeningen goed;
stelt het financiële reglement van de Unie vast;
roept de commissies van deskundigen en de werkgroepen in het leven, die zij van belang acht voor de verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie;
beslist welke landen, geen leden van de Unie zijnde, en welke intergouvernementele en niet-gouvernementele internationale organisaties als waarnemers tot haar vergaderingen kunnen worden toegelaten;
neemt de wijzigingen aan van de artikelen 13 tot en met 17;
verricht iedere handeling die dienstig is ter verwezenlijking van de doelstellingen van de Unie;
verricht alle overige taken die in dit Verdrag besloten liggen;
oefent, onder voorbehoud dat zij dit aanvaardt, de rechten uit die haar door het Verdrag tot oprichting van de Organisatie zijn toegekend.
Aangaande de vraagstukken die eveneens andere door de Organisatie beheerde Unies raken, doet de Algemene Vergadering uitspraak na het advies van de Coördinatiecommissie van de Organisatie ben ingewonnen.
Behoudens het bepaalde onder letter b), kan een afgevaardigde slechts één land vertegenwoordigen.
Landen van de Unie die krachtens een bijzondere overeenkomst een gemeenschappelijk bureau hebben dat voor ieder van hen geldt als bijzondere nationale dienst voor de industriële eigendom zoals bedoeld in artikel 12, kunnen bij besprekingen gezamenlijk worden vertegenwoordigd door een van hen.
Elk land dat lid is van de Algemene Vergadering heeft één stem.
Het quorum wordt gevormd door de helft van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering.
Niettegenstaande het bepaalde onder letter b) kunnen, indien gedurende een zitting het aantal vertegenwoordigde landen kleiner is dan de helft, maar gelijk aan of groter dan het derde deel van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering, door die Vergadering besluiten worden genomen; evenwel worden de besluiten van de Algemene Vergadering, met uitzondering van die welke haar eigen procedure betreffen, rechtens eerst uitvoerbaar nadat aan de hierna vermelde voorwaarden is voldaan. Het Internationale Bureau brengt de hier bedoelde besluiten ter kennis van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering die niet vertegenwoordigd waren en verzoekt hun binnen een termijn van drie maanden, te rekenen van de datum van de bedoelde kennisgeving, schriftelijk hun stem uit te brengen of hun onthouding kenbaar te maken. Indien na afloop van deze termijn het aantal landen dat op deze wijze zijn stem heeft uitgebracht of zijn onthouding heeft kenbaar gemaakt, ten minste gelijk is aan het aantal landen dat aan het quorum der vergadering ontbrak, zullen bedoelde besluiten rechtens uitvoerbaar worden, mits tezelfdertijd de vereiste meerderheid is bereikt.
Behoudens het bepaalde in het tweede lid van artikel 17 worden de besluiten van de Algemene Vergadering genomen met een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
Onthouding geldt niet als stem.
Behoudens het bepaalde onder letter b) kan een afgevaardigde slechts uit naam van één land zijn stem uitbrengen.
De landen van de Unie bedoeld in het derde lid, onder letter b), streven er over het algemeen naar zich op de zittingen van de Algemene Vergadering door hun eigen delegatie te laten vertegenwoordigen. Indien evenwel om uitzonderlijke redenen een dezer landen zich niet door zijn eigen delegatie kan laten vertegenwoordigen kan het de delegatie van een ander land machtigen, uit zijn naam te stemmen, met dien verstande dat een delegatie slechts voor één land bij volmacht kan stemmen. Elke volmacht hiertoe moet zijn neergelegd in een document ondertekend door het Staatshoofd of door de bevoegde minister.
De Unie-landen die geen lid zijn van de Algemene Vergadering, kunnen haar vergaderingen bijwonen als waarnemers.
De Algemene Vergadering komt eens in de twee jaar in gewone zitting bijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal en, uitzonderlijke omstandigheden daargelaten, gedurende dezelfde periode en te zelfder plaatse als de Algemene Vergadering van de Organisatie.
De Algemene Vergadering komt in buitengewone zitting ijeen op uitnodiging van de Directeur-Generaal ingevolge een verzoek van de Uitvoerende Commissie of ingevolge een verzoek van een/vierde van de landen die lid zijn van de Algemene Vergadering.
De Algemene Vergadering stelt haar reglement van orde vast.