Article 3b
in forceEstablishment, organisation, composition and duties of the Rent Tribunal (huurcommissie)
The chair, the deputy chair and the presiding judges are appointed, suspended and dismissed by Our Minister. The chair and the deputy chair are appointed for a term of six years and may be reappointed as chair or deputy chair, respectively, for a maximum of one consecutive term of six years. The presiding judges shall be heard regarding the appointment and reappointment of the chair and the deputy chair. The presiding judges are appointed for a term of four years and may be reappointed as presiding judge for a maximum of two consecutive terms of four years. The board shall be heard regarding the appointment and reappointment of the presiding judges.
The chair and the presiding judges must, on the basis of having passed an examination of a degree programme in academic higher education at a university or the Open University to which the Higher Education and Scientific Research Act applies, have been awarded the degree of Bachelor in the field of law and also the degree of Master in the field of law, or those chair and presiding judges must, on the basis of having passed an examination of a degree programme at a university or the Open University to which the Higher Education and Scientific Research Act applies, have obtained the right to use the title of 'meester', or have demonstrated that they have acquired in another manner the knowledge required for the position of chair or presiding judge, respectively.
Without prejudice to Article 13, paragraph 1, of the Framework Act on Autonomous Administrative Authorities (Kaderwet zelfstandige bestuursorganen), the chairperson, the deputy chairperson, and the presiding members of the hearing shall not be actively involved in the operation of a business that is active or partially active in the field of residential accommodation, nor shall they be permitted to be professionally involved in the management of and the disposal of residential accommodation, nor to be a member of the board of an association, company, or foundation that is involved therein, or to be affiliated with a residents' committee as referred to in Article 1, paragraph 1, of the Consultation between Tenants and Landlords Act (Wet op het overleg huurders verhuurder).
The chairperson, the deputy chairperson and the presiding judges shall receive remuneration, reimbursement for travel and accommodation expenses, and further allowances in accordance with rules to be established by ministerial regulation. Their legal status shall be further regulated by order in council.
De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de zittingsvoorzitters worden door Onze Minister benoemd, geschorst en ontslagen. De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter worden benoemd voor een tijdvak van zes jaar en kunnen voor maximaal een aansluitend tijdvak van zes jaar als voorzitter onderscheidenlijk plaatsvervangend voorzitter worden herbenoemd. De zittingsvoorzitters worden over de benoeming en herbenoeming van de voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter gehoord. De zittingsvoorzitters worden benoemd voor een tijdvak van vier jaar en kunnen voor maximaal twee aansluitende tijdvakken van vier jaar als zittingsvoorzitter worden herbenoemd. Het bestuur wordt over de benoeming en herbenoeming van de zittingsvoorzitters gehoord.
Aan de voorzitter en de zittingsvoorzitters moet op grond van het afleggen van een examen van een opleiding in het wetenschappelijk onderwijs door een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft, de graad Bachelor op het gebied van het recht en tevens de graad Master op het gebied van het recht zijn verleend, dan wel moeten die voorzitter en die zittingsvoorzitters op grond van het afleggen van een examen van een opleiding aan een universiteit dan wel de Open Universiteit waarop de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek betrekking heeft, het recht om de titel meester te voeren hebben verkregen, of blijk hebben gegeven op andere wijze de voor de functie van voorzitter onderscheidenlijk zittingsvoorzitter benodigde kennis te hebben verworven.
Onverminderd artikel 13, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen, mogen de voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de zittingsvoorzitters niet metterdaad betrokken zijn bij de uitoefening van een bedrijf dat werkzaam is of mede werkzaam is op het gebied van woonruimte, noch is het hen toegestaan beroepsmatig betrokken te zijn bij het beheer van en de beschikking over woonruimte dan wel deel uit te maken van het bestuur van een vereniging, vennootschap of stichting die daarbij is betrokken, of aangesloten te zijn bij een bewonerscommissie als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet op het overleg huurders verhuurder.
De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de zittingsvoorzitters genieten een bezoldiging, een vergoeding voor reis- en verblijfkosten en verdere vergoedingen volgens bij ministeriële regeling te geven regels. Hun rechtspositie wordt nader geregeld bij algemene maatregel van bestuur.