Article 23
in forceBepalingen ter uitvoering van de verordening
Pursuant to Article 9(2)(g) of the Regulation, the prohibition on processing special categories of personal data shall not apply if:
the processing is necessary for compliance with an obligation under international law;
the data are processed by the Dutch Data Protection Authority (Autoriteit persoonsgegevens) or an ombudsman as referred to in Article 9:17 of the General Administrative Law Act, and insofar as the processing is necessary for the performance of the tasks legally assigned to them, provided that such safeguards are in place during that performance that the personal privacy of the data subject is not disproportionately infringed; or
the processing is necessary in addition to the processing of personal data of a criminal nature for the purposes for which such data are processed.
Gelet op artikel 9, tweede lid, onderdeel g, van de verordening, is het verbod om bijzondere categorieën van persoonsgegevens te verwerken niet van toepassing, indien:
de verwerking noodzakelijk is ter voldoening aan een volkenrechtelijke verplichting;
de gegevens worden verwerkt door de Autoriteit persoonsgegevens of een ombudsman als bedoeld in artikel 9:17 van de Algemene wet bestuursrecht, en voor zover de verwerking noodzakelijk is voor de uitvoering van de hun wettelijk opgedragen taken, onder voorwaarde dat bij die uitvoering is voorzien in zodanige waarborgen dat de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene niet onevenredig wordt geschaad; of
de verwerking noodzakelijk is in aanvulling op de verwerking van persoonsgegevens van strafrechtelijke aard voor de doeleinden waarvoor deze gegevens worden verwerkt.