Dutch Legislation

Article 20

in force

Obligations during the reception

Asylum Seekers Provisions Regulation 2005 (Rva) · Chapter V · In force since 2026-06-12

Source
1.

The asylum seeker is obliged to give notice without delay, of his own accord or at the request of the COA, of all facts or circumstances of which it must reasonably be clear to him that they may affect the right to provisions, the assertion of the right to provisions, the duration of provisions or the amount of the allowances paid to him. If these facts or circumstances relate to a child, the notice shall be given by the asylum seeker of whom the child is a dependent and, in the event this concerns more than one asylum seeker, by one of those asylum seekers.

2.

If an asylum seeker or permit holder who resides in a reception facility, including the temporary accommodation facility and the enforcement and supervision location, or the permit holder referred to in Article 3, paragraph 3, point (c), possesses assets exceeding the asset limit referred to in Article 34 of the Participation Act or has income, other than child benefit pursuant to the General Child Benefit Act or this regulation, that asylum seeker or permit holder owes the COA a reimbursement for the costs of his reception as well as the reception of his family members, including the costs of medical provisions in accordance with a health care scheme to be established for that purpose. The contribution amounts per month to at most the economic value of the provisions actually offered to an asylum seeker or permit holder, provided that the reimbursement does not exceed the amount of the assets referred to in the first sentence or the income referred to in the first sentence.

3.

If, after his stay in a reception facility, the temporary accommodation facility or the enforcement and supervision location, it appears that an alien possessed assets or income during this stay, as referred to in paragraph 2, the COA may recover from him the costs of the reception of this alien as well as the costs of reception of his family members, including the costs of medical provisions in accordance with a medical expenses scheme to be established for that purpose. The costs to be recovered per month shall not exceed the economic value of the provisions actually provided to the alien, increased by the economic value of the provisions actually provided to each family member, provided that the amount to be recovered does not exceed the amount of the assets referred to in paragraph 2 or the income referred to in paragraph 2.

4.

When the COA conducts an assessment of the means at the disposal of an asylum seeker or permit holder, when it requires an asylum seeker or permit holder to cover the costs of the material reception conditions and of the healthcare received or to make a contribution thereto, or when it requests repayment from an asylum seeker or permit holder in accordance with the third paragraph of this regulation, the COA shall observe the principle of proportionality by taking into account the individual circumstances of the asylum seeker or permit holder and due to the need to respect his dignity and personal integrity, also with regard to the special reception needs of the asylum seeker or permit holder.

1.

De asielzoeker is verplicht onverwijld uit eigen beweging, of op verzoek van het COA, mededeling te doen van alle feiten of omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op verstrekkingen, het geldend maken van het recht op verstrekkingen, de duur van verstrekkingen of de hoogte van de toelagen die aan hem worden betaald. Indien deze feiten of omstandigheden betrekking hebben op een kind dan wordt de mededeling gedaan door de asielzoeker te wiens laste het kind komt en in het geval dit meer dan één asielzoeker betreft, door één van die asielzoekers.

2.

Indien een asielzoeker of vergunninghouder die verblijft in een opvangvoorziening, daaronder begrepen de tijdelijke onderdakvoorziening en de handhavings- en toezichtlocatie, dan wel de vergunninghouder bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel c, beschikt over een vermogen groter dan de vermogensgrens, bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet of inkomsten heeft, anders dan kinderbijslag op grond van de Algemene Kinderbijslagwet of deze regeling, is die asielzoeker of vergunninghouder aan het COA een vergoeding verschuldigd in de kosten van zijn opvang alsmede van de opvang van zijn gezinsleden waaronder de kosten van medische verstrekkingen overeenkomstig een daartoe te treffen ziektekostenregeling. De tegemoetkoming bedraagt per maand ten hoogste de economische waarde van de aan een asielzoeker of vergunninghouder feitelijk geboden verstrekkingen, met dien verstande dat de vergoeding niet meer bedraagt dan het bedrag van het in de eerste volzin bedoelde vermogen of de in de eerste volzin bedoelde inkomsten.

3.

Indien na zijn verblijf in een opvangvoorziening, de tijdelijke onderdakvoorziening of de handhavings- en toezichtlocatie blijkt dat een vreemdeling tijdens dit verblijf beschikte over een vermogen of inkomsten, bedoeld in het tweede lid, kan het COA de kosten van de opvang van deze vreemdeling alsmede de kosten van opvang van zijn gezinsleden, waaronder de kosten van medische verstrekkingen overeenkomstig een daartoe te treffen ziektekostenregeling, van hem terugvorderen. De terug te vorderen kosten per maand zijn niet hoger dan de economische waarde van de aan de vreemdeling feitelijk geboden verstrekkingen, vermeerderd met de economische waarde van de aan ieder gezinslid feitelijk geboden verstrekkingen, met dien verstande dat het terug te vorderen bedrag niet meer bedraagt dan het bedrag van het in het tweede lid bedoelde vermogen of de in het tweede lid bedoelde inkomsten.

4.

Wanneer het COA een beoordeling verricht van de middelen waarover een asielzoeker of vergunninghouder beschikt, wanneer zij van een asielzoeker of vergunninghouder vereist dat hij de kosten van de materiële opvangvoorzieningen en van de verkregen gezondheidszorg dekt of daaraan een bijdrage levert, of wanneer zij een asielzoeker of vergunninghouder om terugbetaling vraagt overeenkomstig het derde lid van deze regeling, neemt het COA het evenredigheidsbeginsel in acht door rekening te houden met de individuele omstandigheden van de asielzoeker of vergunninghouder en vanwege de noodzaak om zijn waardigheid en persoonlijke integriteit te eerbiedigen, ook wat de bijzondere opvangbehoeften van de asielzoeker of vergunninghouder betreft.