Dutch Legislation

Article 220ha

in force

Other and final provisions

Pensions Act (Pensioenwet) · Chapter 9 · In force since 2026-01-01

Source
1.

If the acquisition of pension entitlements on the basis of a benefit agreement (uitkeringsovereenkomst), capital agreement (kapitaalovereenkomst) or contribution agreement (premieovereenkomst) as referred to in Article 1, as that Article read on the day preceding the date of entry into force of the Future Pensions Act (Wet toekomst pensioenen), is carried out by an insurer, the acquisition may be continued from the date of entry into force of the Future Pensions Act if the conditions of the second paragraph are met. In the application of the first sentence, Article 10 may be derogated from.

2.

The acquisition of pension entitlements, as referred to in the first paragraph, may be continued if:

a.

pension entitlements are acquired as a result of non-contributory continuation due to the incapacity for work of the employee or former employee, to which a right exists after the expiry of the period referred to in Article 29, paragraph 1, of the Sickness Benefits Act (Ziektewet) or, if the employee or former employee receives a benefit under the Sickness Benefits Act, after the expiry of the period referred to in Article 29, paragraphs 5 and 10, of the Sickness Benefits Act; and

b.

the right to premium-free continuation due to incapacity for work has commenced:

1°.

before the time at which the insurer proceeds to the implementation of an amended pension agreement as referred to in Article 220i; or

2°.

after the participation has been terminated due to an individual termination of the employment relationship before the end of the period referred to in point (a), whereby at the time of the end of the participation the insurer has not yet proceeded to the implementation of an amended pension agreement as referred to in Article 220i and the right to premium-free continuation has arisen at the latest at a time to be determined by administrative order.

3.

This Article shall apply mutatis mutandis to the accrual of pension entitlements under a contribution agreement as referred to in Article 1, as that Article read on the day preceding the date of entry into force of the Future Pensions Act (Wet toekomst pensioenen), executed by a premium pension institution where the non-contributory continuation of such accrual due to the incapacity for work of the employee or former employee is insured with an insurer.

In the case of this insured premium-free continuation, the insurer shall pay the premium due to the premium pension institution if the conditions referred to in the second paragraph are met.

4.

The recommendation for an order in council to be established pursuant to paragraph 2, point (b), sub-point 2°, shall not be made earlier than four weeks after the draft has been submitted to both Houses of the States-General.

1.

Indien het verwerven van pensioenaanspraken op grond van een uitkeringsovereenkomst, kapitaalovereenkomst of premieovereenkomst als bedoeld in artikel 1, zoals dat artikel luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet toekomst pensioenen, wordt uitgevoerd door een verzekeraar, dan kan de verwerving vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet toekomst pensioenen worden voortgezet indien voldaan wordt aan de voorwaarden uit het tweede lid. Bij toepassing van de eerste zin kan van artikel 10 worden afgeweken.

2.

Het verwerven van pensioenaanspraken, bedoeld in het eerste lid, kan worden voortgezet indien:

a.

de pensioenaanspraken worden verworven als gevolg van premievrije voortzetting vanwege arbeidsongeschiktheid van de werknemer of gewezen werknemer, waarop recht bestaat na afloop van de periode, bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet of, indien de werknemer of gewezen werknemer een uitkering uit hoofde van de Ziektewet ontvangt, na afloop van de periode, bedoeld in artikel 29, vijfde en tiende lid, van de Ziektewet; en

b.

het recht op premievrije voortzetting vanwege arbeidsongeschiktheid is ingegaan:

1°.

voor het tijdstip dat de verzekeraar overgaat op uitvoering van een gewijzigde pensioenovereenkomst als bedoeld in artikel 220i; of

2°.

nadat de deelneming vanwege een individuele beëindiging van de dienstbetrekking voor afloop van de periode, bedoeld in onderdeel a, is beëindigd waarbij op het moment van einde deelneming de verzekeraar nog niet is overgegaan op uitvoering van een gewijzigde pensioenovereenkomst als bedoeld in artikel 220i en het recht op premievrije voortzetting uiterlijk is ontstaan op een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen tijdstip.

3.

Dit artikel is van overeenkomstige toepassing op de opbouw van pensioenaanspraken in een premieovereenkomst als bedoeld in artikel 1, zoals dat artikel luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet toekomst pensioenen, uitgevoerd door een premiepensioeninstelling waarbij premievrije voortzetting van deze opbouw vanwege arbeidsongeschiktheid van de werknemer of gewezen werknemer is verzekerd bij een verzekeraar.

Bij deze verzekerde premievrije voortzetting voldoet de verzekeraar de verschuldigde premie aan de premiepensioeninstelling indien voldaan wordt aan de voorwaarden, bedoeld in het tweede lid.

4.

De voordracht voor een krachtens het tweede lid, onderdeel b, subonderdeel 2°, vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd.