Article 2.136
in forceFurther regulations regarding the media offering of public media services · Nevenactiviteiten en overige bepalingen
Broadcasting organizations that have obtained a license or a provisional license as referred to in Article 2.23 may use net income from membership fees and association activities, and, up to a maximum amount to be determined by order in council and in accordance with further rules to be established by order in council, from program guides, for their own association activities.
Association activities are activities that:
are reasonably necessary for the proper functioning of the association and its bodies;
to be customary in an actively functioning association in order to strengthen the bond with and between the members; or
to be supportive of the dissemination of the association's mission in the form of events.
Association activities as referred to in the first paragraph shall also be understood to include activities of a foundation that is a collaborative broadcaster and that has obtained an authorisation as referred to in Article 2.23, first paragraph, and which activities:
reasonably necessary for the proper functioning of the foundation and its bodies;
to be customary in an actively functioning foundation in order to strengthen the bond with and between the contributors; or
to be supportive of the dissemination of the foundation's mission in the form of events.
The national public media institution that is a collaborative broadcaster shall ensure that the broadcasting associations it represents use net income from membership fees and association activities for their own association activities as referred to in the second paragraph, insofar as the broadcasting associations make use of that authority.
Omroeporganisaties die een erkenning of een voorlopige erkenning als bedoeld in artikel 2.23 hebben verkregen, kunnen netto inkomsten uit contributies en verenigingsactiviteiten en, tot ten hoogste een bij algemene maatregel van bestuur te bepalen bedrag en volgens bij algemene maatregel van bestuur te stellen nadere regels uit programmabladen gebruiken voor eigen verenigingsactiviteiten.
Verenigingsactiviteiten zijn activiteiten die:
redelijkerwijs nodig zijn voor het goed functioneren van de vereniging en haar organen;
gebruikelijk zijn in een actief functionerende vereniging om de band met en tussen de leden te versterken; of
in de vorm van evenementen ondersteunend zijn aan het uitdragen van de missie van de vereniging.
Onder verenigingsactiviteiten als bedoeld in het eerste lid worden ook verstaan activiteiten van een stichting die samenwerkingsomroep is en die een erkenning als bedoeld in artikel 2.23, eerste lid, heeft verkregen, en welke activiteiten:
redelijkerwijs nodig zijn voor het goed functioneren van de stichting en haar organen;
gebruikelijk zijn in een actief functionerende stichting om de band met en tussen de contribuanten te versterken; of
in de vorm van evenementen ondersteunend zijn aan het uitdragen van de missie van de stichting.
De landelijke publieke media-instelling die samenwerkingsomroep is, draagt ervoor zorg dat de omroepverenigingen die hij vertegenwoordigt, netto inkomsten uit contributies en verenigingsactiviteiten gebruiken voor eigen verenigingsactiviteiten als bedoeld in het tweede lid, voor zover de omroepverenigingen van die bevoegdheid gebruik maken.