Dutch Legislation

Article 284

in force

Debt rescheduling scheme for natural persons (schuldsaneringsregeling natuurlijke personen) · The pronouncement of the application of the debt rescheduling scheme

Bankruptcy Act (Faillissementswet) · Title III · Section 1 · In force since 2022-11-04

Source
1.

A natural person may, if it is reasonably foreseeable that he will not be able to continue to pay his debts or if he is in the state of having ceased to pay, petition for the application of the debt restructuring scheme (schuldsaneringsregeling) to be pronounced.

2.

To this end, he shall apply to the court designated in Article 2 by means of a petition signed by him or an authorised representative. If the authorised representative is not registered as a lawyer, a document evidencing the power of attorney must be submitted with the petition. Article 4, paragraph 4, applies mutatis mutandis.

3.

A married debtor or a debtor who has entered into a registered partnership may only make the petition with the cooperation of his spouse or his registered partner, respectively, unless every community of property between the spouses or the registered partners, respectively, is excluded.

4.

A petition as referred to in the first paragraph may also be made on behalf of a natural person by the mayor and aldermen of the municipality where that person has his domicile or residence.

5.

The debt restructuring scheme for natural persons (schuldsaneringsregeling natuurlijke personen) cannot be declared applicable to a bank as referred to in Article 212g, point a, nor to an investment firm as referred to in Article 212oo, nor to an insurer as referred to in Article 213.

1.

Een natuurlijke persoon kan, indien redelijkerwijs is te voorzien dat hij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden of indien hij in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, verzoeken de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken.

2.

Hij zal zich daartoe bij een door hem of een gevolmachtigde ondertekend verzoekschrift wenden tot de rechtbank, aangewezen in artikel 2. Indien de gevolmachtigde niet als advocaat is ingeschreven, moet een geschrift waaruit de volmacht blijkt, bij het verzoekschrift worden overgelegd. Artikel 4, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.

3.

Een gehuwde schuldenaar of een schuldenaar die een geregistreerd partnerschap is aangegaan kan het verzoek slechts doen met medewerking van zijn echtgenoot onderscheidenlijk zijn geregistreerde partner, tenzij iedere gemeenschap van goederen tussen de echtgenoten onderscheidenlijk de geregistreerde partners is uitgesloten.

4.

Een verzoek als bedoeld in het eerste lid kan ten behoeve van een natuurlijke persoon ook worden gedaan door burgemeester en wethouders van de gemeente waar die persoon woon- of verblijfplaats heeft.

5.

De schuldsaneringsregeling natuurlijke personen kan niet van toepassing worden verklaard op een bank als bedoeld in artikel 212g, onderdeel a, noch op een beleggingsonderneming als bedoeld in artikel 212oo, noch op een verzekeraar als bedoeld in artikel 213.