Dutch Legislation

Article 3

in force

Custody Registers Decree · In force since 2014-04-01

Source

If, pursuant to the preceding article, a notation concerning a minor has been entered into the register, a notation shall also be kept therein of the following data relating to him:

a.

the change or determination of his surname and the determination of his given names, of which data Our Minister of Security and Justice shall without delay give notice to the clerk of the court of The Hague;

b.

the change of his given names, of his surname, his acknowledgement, or the denial of paternity or maternity by the mother from whom the child was born;

c.

a court judgment that has become final and conclusive (in kracht van gewijsde gegaan), containing the judicial determination of parentage, the declaration of the well-foundedness of the denial of paternity or maternity, the annulment of an acknowledgement, the declaration of the well-foundedness of a contestation or an assertion of one's status, or the annulment of such a judgment, of which data the clerks of the Supreme Court and the courts of appeal shall without delay notify the clerk of the court where the case was heard in the first instance.

Indien ingevolge het vorige artikel een aantekening over een minderjarige in het register is opgenomen, wordt daarin tevens aantekening gehouden van de volgende op hem betrekking hebbende gegevens:

a.

de wijziging of vaststelling van zijn geslachtsnaam en de vaststelling van zijn voornamen, van welke gegevens Onze Minister van Veiligheid en Justitie onverwijld kennis geeft aan de griffier van de rechtbank Den Haag;

b.

de wijziging van zijn voornamen, van zijn geslachtsnaam, zijn erkenning, of de ontkenning van het vaderschap of moederschap door de moeder uit wie het kind is geboren;

c.

een in kracht van gewijsde gegane rechterlijke uitspraak, inhoudende de vaststelling van het ouderschap, de gegrondverklaring van de ontkenning van het vaderschap of moederschap, de vernietiging van zijn erkenning, de gegrondverklaring van een betwisting of inroeping van zijn staat, of de vernietiging van zulk een uitspraak, van welke gegevens de griffiers van de Hoge Raad en de gerechtshoven onverwijld kennis geven aan de griffier van de rechtbank waar de zaak in eerste aanleg heeft gediend.