Dutch Legislation

Article 25

in force

Procedure bij uitvoering door Dienst Toeslagen

Income-Dependent Schemes Act (Awir) · Chapter 2 · In force since 2024-01-01

Source
1.

By way of derogation from Article 4:89, paragraph 1, of the General Administrative Law Act, payment of an advance or a contribution to the interested party by the Benefits Agency (Dienst Toeslagen) shall take place exclusively into a bank account designated for that purpose by the interested party which is held in the name of the interested party. The interested party may not designate more than one bank account for the payment of an advance or a contribution and for the payment of income tax.

2.

If the interested party does not have a bank account designated for the payment of an advance or a contribution to the interested party, payment by the Benefits Agency (Dienst Toeslagen) shall take place with corresponding application of Article 7a, paragraph 2, of the Collection of State Taxes Act 1990 (Invorderingswet 1990).

3.

In cases to be designated by or pursuant to a ministerial regulation by Our Minister in agreement with Our Ministers concerned, a departure may be made from the first and second paragraphs. In this regard, rules shall be laid down concerning the designation of another bank account for the payment of an advance or a contribution.

1.

In afwijking van artikel 4:89, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht vindt uitbetaling aan de belanghebbende van een voorschot of een tegemoetkoming door de Dienst Toeslagen uitsluitend plaats op een daartoe door de belanghebbende bestemde bankrekening die op naam staat van de belanghebbende. De belanghebbende kan niet meer dan één bankrekening bestemmen voor de uitbetaling van een voorschot of een tegemoetkoming en voor de uitbetaling van inkomstenbelasting.

2.

Indien de belanghebbende geen bankrekening heeft bestemd voor uitbetaling van een voorschot of een tegemoetkoming aan de belanghebbende, vindt uitbetaling door de Dienst Toeslagen plaats met overeenkomstige toepassing van artikel 7a, tweede lid, van de Invorderingswet 1990.

3.

In door Onze Minister in overeenstemming met Onze Ministers die het mede aangaat bij of krachtens ministeriële regeling aan te wijzen gevallen kan worden afgeweken van het eerste en tweede lid. Daarbij worden regels gesteld met betrekking tot de bestemming van een andere bankrekening voor de uitbetaling van een voorschot of een tegemoetkoming.