Article 143
in forceOf bills of exchange and promissory notes · Of the right of recourse in case of non-acceptance or non-payment
The refusal of acceptance or of payment must be established by an authentic instrument (protest for non-acceptance or for non-payment).
The protest for non-acceptance must be drawn up within the time limits fixed for presentment for acceptance. If, in the case provided for in Article 123, paragraph 1, the first presentment has taken place on the last day of the time limit, the protest may still be made on the following day.
The protest for non-payment of a bill of exchange, payable on a fixed day or at a certain time after date or after sight, must be made on one of the two working days following the day on which the bill of exchange is payable. If it concerns a bill of exchange payable at sight, the protest must be made in accordance with the provisions laid down in the preceding paragraph for drawing up the protest for non-acceptance.
The protest for non-acceptance renders presentment for payment and protest for non-payment superfluous.
In the event of the appointment of administrators upon the petition of the drawee, whether or not an acceptor, for a suspension of payment, the holder cannot exercise his right of recourse until after the bill of exchange has been presented for payment to the drawee and a protest has been drawn up.
If the drawee, whether or not an acceptor, has been declared bankrupt, or if the drawer of a bill of exchange which is not subject to acceptance has been declared bankrupt, it shall suffice for the holder, for the exercise of his right of recourse, to produce the judgment by which the bankruptcy was pronounced.
Paragraph 6 applies mutatis mutandis if the debt restructuring scheme for natural persons (schuldsaneringsregeling natuurlijke personen) has been declared applicable.
De weigering van acceptatie of van betaling moet worden vastgesteld bij authentieke acte (protest van non-acceptatie of van non-betaling).
Het protest van non-acceptatie moet worden opgemaakt binnen de termijnen, voor de aanbieding ter acceptatie vastgesteld. Indien, in het geval bij artikel 123, lid 1, voorzien, de eerste aanbieding heeft plaats gehad op den laatsten dag van den termijn, kan het protest nog op den volgenden dag worden gedaan.
Het protest van non-betaling van eenen wisselbrief, betaalbaar op een bepaalden dag of zekeren tijd na dagteekening of na zicht, moet worden gedaan op éénen der twee werkdagen, volgende op den dag, waarop de wisselbrief betaalbaar is. Indien het eenen wisselbrief, betaalbaar op zicht, betreft, moet het protest worden gedaan, overeenkomstig de bepalingen bij het voorgaande lid vastgesteld voor het opmaken van het protest van non-acceptatie.
Het protest van non-acceptatie maakt de aanbieding ter betaling en het protest van non-betaling overbodig.
In geval van benoeming van bewindvoerders op verzoek van den betrokkene, al of niet acceptant, tot surséance van betaling kan de houder zijn recht van regres niet uitoefenen, dan nadat de wisselbrief ter betaling aan den betrokkene is aangeboden en protest is opgemaakt.
Indien de betrokkene, al of niet acceptant, is failliet verklaard, of indien de trekker van eenen wisselbrief, welke niet vatbaar is voor acceptatie, is failliet verklaard, kan de houder, voor de uitoefening van zijn recht van regres, volstaan met overlegging van het vonnis, waarbij het faillissement is uitgesproken.
Het zesde lid is van overeenkomstige toepassing indien de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard.