Dutch Legislation

Article 34e

in force

Transitional and final provisions

Corporate Income Tax Act 1969 · Chapter VIII · In force since 2020-01-01

Source
1.

For the valuation of pension liabilities of an entity as referred to in Article 19a, paragraph 1, parts d and e, of the Wage Tax Act 1964 (Wet op de loonbelasting 1964), as that article read on 31 December 2016, Articles 8, paragraph 6, and 31d, as those articles read on 31 December 2016, shall remain applicable.

2.

With regard to a claim insured under a pension scheme or an early retirement scheme with an entity as referred to in Article 19a, paragraph 1, part d, of the Wage Tax Act 1964 (Wet op de loonbelasting 1964), as that article read on 31 December 2016, Article 23a, as that article read on 31 December 2016, shall remain applicable.

3.

The sacrificed amount within the meaning of Article 13d shall not be increased by the application in the years 2017, 2018 or 2019 of Article 38n, paragraph 2, of the Wage Tax Act 1964 (Wet op de loonbelasting 1964), as that article read at the time.

4.

By way of derogation from the third paragraph, as it read on 31 December 2019, costs and charges associated with a claim pursuant to a pension scheme as referred to in Article 38n of the Wage Tax Act 1964, and which, as a result of the application of Articles 3.26, 3.27 and 3.28 of the Income Tax Act 2001, have not yet been taken into account in the determination of profit, shall be taken into account in the determination of profit in equal annual parts after the time at which Article 38n, second paragraph, point (b), of the Wage Tax Act 1964, as that article read on 31 December 2019, was applied in respect of that claim, whereby the number of annual parts is set at the number of whole years that the employee or former employee was removed from the age of 87 at that time. The first sentence shall apply exclusively if a transitory asset item has already been included in a tax return filed no later than 20 September 2016 in respect of the costs and charges which, at that moment, had not yet been taken into account in the determination of profit as a result of the application of Articles 3.26, 3.27 and 3.28 of the Income Tax Act 2001.

1.

Voor de waardering van pensioenverplichtingen bij een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdelen d en e, van de Wet op de loonbelasting 1964, zoals dat artikel luidde op 31 december 2016, blijven de artikelen 8, zesde lid, en 31d, zoals die artikelen luidden op 31 december 2016, van toepassing.

2.

Met betrekking tot een bij een lichaam als bedoeld in artikel 19a, eerste lid, onderdeel d, van de Wet op de loonbelasting 1964, zoals dat artikel luidde op 31 december 2016, verzekerde aanspraak ingevolge een pensioenregeling of een regeling voor vervroegde uittreding, blijft artikel 23a, zoals dat artikel luidde op 31 december 2016, van toepassing.

3.

Het opgeofferde bedrag in de zin van artikel 13d wordt niet verhoogd door de toepassing in de jaren 2017, 2018 of 2019 van artikel 38n, tweede lid, van de Wet op de loonbelasting 1964, zoals dat artikel destijds luidde.

4.

In afwijking van het derde lid, zoals dat luidde op 31 december 2019, worden kosten en lasten die samenhangen met een aanspraak ingevolge een pensioenregeling als bedoeld in artikel 38n van de Wet op de loonbelasting 1964 en die als gevolg van de toepassing van de artikelen 3.26, 3.27 en 3.28 van de Wet inkomstenbelasting 2001 nog niet bij de bepaling van de winst in aanmerking zijn genomen na het tijdstip waarop ter zake van die aanspraak artikel 38n, tweede lid, onderdeel b, van de Wet op de loonbelasting 1964, zoals dat artikel luidde op 31 december 2019, is toegepast in gelijke jaarlijkse delen bij de bepaling van de winst in aanmerking genomen, waarbij het aantal jaarlijkse delen wordt gesteld op het aantal gehele jaren dat de werknemer of gewezen werknemer op dat tijdstip was verwijderd van de leeftijd van 87 jaar. De eerste volzin is uitsluitend van toepassing indien in een aangifte die uiterlijk op 20 september 2016 is gedaan reeds een transitorische actiefpost is opgenomen ter zake van de kosten en lasten die op dat moment als gevolg van de toepassing van de artikelen 3.26, 3.27 en 3.28 van de Wet inkomstenbelasting 2001 nog niet bij de bepaling van de winst in aanmerking zijn genomen.