Dutch Legislation

Article 1a

in force

Tax liability

Corporate Income Tax Act 1969 · Chapter I · In force since 2025-01-01

Source
1.

For the application of this Act and the provisions based thereon, with the exception of Articles 2, paragraph 1, points (d) and (h), 3, paragraphs 1 up to and including 3, 6a, 14c, 15, 28 and 28a, and of the provisions based on Articles 14c, 15, 28 and 28a, the terms public limited companies (naamloze vennootschappen), private limited companies (besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid), cooperatives and associations on a cooperative basis, mutual insurance associations, associations acting as insurers or banks on a mutual basis, associations, foundations, religious denominations as well as their independent parts and bodies in which they are united, funds for joint account and Dutch public law legal entities also include bodies incorporated or established under the law of another state that are comparable in legal form.

2.

Where in this Act and the provisions based thereon references are made to companies with a capital divided – in whole or in part – into shares, this shall be understood to mean public limited companies (naamloze vennootschappen) and private limited companies (besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid), including bodies incorporated or established under the law of another state that are comparable in legal form thereto.

3.

Rules shall be established by or pursuant to an Order in Council for the assessment of whether, for the application of this Act and the provisions based thereon, an entity incorporated or established under the law of another state has a legal form comparable to the legal form of an entity as referred to in the first or second paragraph, or to that of a partnership (maatschap), general partnership (vennootschap onder firma), limited partnership (commanditaire vennootschap), or transparent fund as referred to in Article 2.14bis, seventh paragraph, of the Income Tax Act 2001. In this regard, rules may also be established for the assessment of whether an entity incorporated or established under the law of another state, in addition to its legal form, is otherwise comparable to an entity as referred to in the first sentence.

1.

Voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen, met uitzondering van de artikelen 2, eerste lid, onderdelen d en h, 3, eerste tot en met derde lid, 6a, 14c, 15, 28 en 28a, en van de op de artikelen 14c, 15, 28 en 28a berustende bepalingen, worden onder naamloze vennootschappen, besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, coöperaties en verenigingen op coöperatieve grondslag, onderlinge waarborgmaatschappijen, verenigingen welke op onderlinge grondslag als verzekeraar of bank optreden, verenigingen, stichtingen, kerkgenootschappen alsmede hun zelfstandige onderdelen en lichamen waarin zij zijn verenigd, fondsen voor gemene rekening en Nederlandse publiekrechtelijke rechtspersonen mede verstaan daarmee qua rechtsvorm vergelijkbare naar het recht van een andere staat opgerichte of aangegane lichamen.

2.

Waar in deze wet en de daarop berustende bepalingen verwijzingen naar vennootschappen met een – geheel of ten dele – in aandelen verdeeld kapitaal zijn opgenomen, wordt daaronder verstaan naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid, met inbegrip van daarmee qua rechtsvorm vergelijkbare naar het recht van een andere staat opgerichte of aangegane lichamen.

3.

Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld voor de beoordeling of voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen een naar het recht van een andere staat opgericht of aangegaan lichaam een met de rechtsvorm van een lichaam als bedoeld in het eerste of tweede lid of een met die van een maatschap, vennootschap onder firma, commanditaire vennootschap of transparant fonds als bedoeld in artikel 2.14bis, zevende lid, van de Wet inkomstenbelasting 2001 vergelijkbare rechtsvorm heeft. Daarbij kunnen ook regels worden gesteld voor de beoordeling of een naar het recht van een andere staat opgericht of aangegaan lichaam naast de rechtsvorm ook voor het overige met een lichaam vergelijkbaar is als bedoeld in de eerste zin.