Article 174d
in forceAdministrative enforcement · § Administrative fine
The Netherlands Vehicle Authority (Dienst Wegverkeer) may impose an administrative fine upon any person who acts in violation of the obligations and prohibitions referred to in Article 4aui of this Act and Article 5:20, first paragraph, of the General Administrative Law Act, in connection with a basic recognition, recognition for specific acts, or authorisation as referred to in Article 4aue.
The Netherlands Vehicle Authority (Dienst Wegverkeer) may, in connection with a basic recognition, a recognition for specific acts, or an authorisation as referred to in Article 4aue, impose an administrative fine on any person who acts in violation of the conditions for maintaining a recognition as referred to in Article 4aud, paragraph 2, and the conditions for maintaining an authorisation as referred to in Article 4aue, paragraph 3, insofar as acting in violation of the relevant condition has been expressly designated as a punishable offence.
The amount of the administrative fine that may be imposed for a violation of Article 4aui of this Act shall not exceed the amount established for:
the third category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code for a natural person without an enterprise;
the fourth category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code for a natural person with an enterprise;
the fifth category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code for a legal person.
The amount of the administrative fine that may be imposed for an infringement as referred to in the second paragraph shall be determined by order in council, on the understanding that the amount of the administrative fine to be paid for a separate infringement shall not exceed the amount established for:
the third category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code for a competent natural person as referred to in Article 4aue, paragraph 1;
the fourth category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code, for an authorised holder who is a natural person;
the fifth category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code for an authorised entity that is a legal person.
The amount of the administrative fine that may be imposed for a violation of Article 5:20, paragraph 1, of the General Administrative Law Act, shall not exceed the amount established for the second category, as referred to in Article 23, paragraph 4, of the Criminal Code.
The administrative fine to be imposed may be increased by a maximum of 50% if, within a period of 48 months, a fine has been imposed and has become irrevocable twice for the same offence, each separately within a period of a maximum of 24 months preceding that offence.
De Dienst Wegverkeer kan in verband met een basiserkenning, erkenning voor specifieke handelingen of bevoegdheid als bedoeld in artikel 4aue aan degene die handelt in strijd met de in artikel 4aui van deze wet en artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde verplichtingen en verboden een bestuurlijke boete opleggen.
De Dienst Wegverkeer kan in verband met een basiserkenning, erkenning voor specifieke handelingen of bevoegdheid als bedoeld in artikel 4aue aan degene die handelt in strijd met voorwaarden voor het behouden van een erkenning als bedoeld in artikel 4aud, tweede lid, en voorwaarden voor het behouden van een bevoegdheid als bedoeld in artikel 4aue, derde lid, een bestuurlijke boete opleggen, voor zover het in strijd handelen met de desbetreffende voorwaarde daarbij uitdrukkelijk als beboetbaar feit is aangemerkt.
De hoogte van de bestuurlijke boete die voor een overtreding van artikel 4aui van deze wet kan worden opgelegd, bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor:
de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht voor een natuurlijke persoon zonder onderneming;
de vierde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht voor een natuurlijke persoon met een onderneming;
de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht voor een rechtspersoon.
De hoogte van de bestuurlijke boete die voor een overtreding als bedoeld in het tweede lid kan worden opgelegd wordt bij algemene maatregel van bestuur bepaald, met dien verstande dat de hoogte van de wegens een afzonderlijke overtreding te betalen bestuurlijke boete ten hoogste bedraagt het bedrag dat is vastgesteld voor:
de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht voor een bevoegde natuurlijke persoon als bedoeld in artikel 4aue, eerste lid;
de vierde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht voor een erkenninghouder die een natuurlijke persoon is;
de vijfde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht voor een erkenninghouder die een rechtspersoon is.
De hoogte van de bestuurlijke boete die voor een overtreding van artikel 5:20, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht kan worden opgelegd, bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de tweede categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht.
De op te leggen bestuurlijke boete kan met maximaal 50% worden verhoogd, indien binnen een periode van 48 maanden tweemaal voor een zelfde feit, elk afzonderlijk in een periode van maximaal 24 maanden voorafgaand aan dat feit, een boete is opgelegd en onherroepelijk is geworden.