Dutch Legislation

Article 4

in force

General provisions

Road Traffic Act 1994 · Chapter 1 · In force since 1997-05-01

Source
1.

The provisions laid down by or pursuant to this Act and provincial and municipal by-laws shall apply only insofar as this has been determined by Order in Council.

a.

with regard to vehicles, insofar as they are used for the purposes of the armed forces;

b.

for military personnel on foot, insofar as they are on the road in the performance of their duties.

2.

Apart from the circumstances referred to in the third and fifth paragraphs, in cases where the provisions laid down by or pursuant to this Act and provincial and municipal by-laws have not been declared applicable pursuant to the first paragraph, rules may be established by Order in Council, and further rules may be established by ministerial regulation for the implementation thereof:

a.

with regard to vehicles, insofar as they are used for the benefit of the armed forces;

b.

for military personnel on foot, insofar as they are on the road in the performance of their duties.

3.

In the event that extraordinary circumstances render this necessary, it may be determined by Royal Decree that a departure may be made from the provisions to be designated in that decree, as referred to in the Order in Council mentioned in the first paragraph, by drivers of vehicles used for the benefit of the armed forces and by military personnel on foot who are on the road in the exercise of their duties.

4.

In the event that extraordinary circumstances render it necessary, it may be determined by Royal Decree that, with regard to vehicles of government services to be designated by Order in Council, the provisions laid down by or pursuant to this Act and provincial and local ordinances shall apply only to the extent determined by that Order.

5.

In the event of a limited or general state of emergency, the military authority is empowered, for the area in which provisions of the Wartime Act for the Netherlands (Oorlogswet voor Nederland) have been brought into effect pursuant to Article 7, paragraph 1, or Article 8, paragraph 1, of the Coordination Act for States of Emergency (Coördinatiewet uitzonderingstoestanden), to establish rules regarding road traffic that deviate from the provisions laid down by or pursuant to this Act and from provincial and local ordinances, as well as from the rules referred to in the second paragraph and established by Order in Council, insofar as this is deemed necessary by the authority for the execution of the military task of maintaining external or internal security.

6.

The preceding paragraphs shall not cancel or reduce the ordinary liability arising from other statutory provisions.

1.

Het bepaalde bij of krachtens deze wet en provinciale en plaatselijke verordeningen gelden slechts voor zover zulks bij algemene maatregel van bestuur is bepaald:

a.

ten aanzien van voertuigen, voor zover die worden gebezigd ten behoeve van de strijdkrachten;

b.

voor militairen te voet, voor zover zij zich ter uitoefening van de dienst op de weg bevinden.

2.

Buiten de omstandigheden, bedoeld in het derde lid en het vijfde lid, kunnen in de gevallen waarin het bepaalde bij of krachtens deze wet en provinciale en plaatselijke verordeningen niet ingevolge het eerste lid van toepassing is verklaard, bij algemene maatregel van bestuur regels worden vastgesteld en kunnen bij ministeriële regeling ter uitvoering daarvan nadere regels worden vastgesteld:

a.

ten aanzien van voertuigen, voor zover die worden gebezigd ten behoeve van de strijdkrachten;

b.

voor militairen te voet, voor zover zij zich ter uitoefening van de dienst op de weg bevinden.

3.

Ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken, kan bij koninklijk besluit worden bepaald dat van in dat besluit aan te wijzen bepalingen, genoemd in de algemene maatregel van bestuur bedoeld in het eerste lid, kan worden afgeweken door bestuurders van voertuigen gebezigd ten behoeve van de strijdkrachten en door militairen te voet die zich op de weg bevinden ter uitoefening van de dienst.

4.

Ingeval buitengewone omstandigheden dit noodzakelijk maken, kan bij koninklijk besluit worden bepaald dat ten aanzien van voertuigen van bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen overheidsdiensten, het bepaalde bij of krachtens deze wet en provinciale en plaatselijke verordeningen slechts gelden voor zover zulks bij die maatregel is bepaald.

5.

In geval van de beperkte of de algemene noodtoestand is het militair gezag bevoegd voor het gebied waarvoor op grond van artikel 7, eerste lid, of 8, eerste lid, van de Coördinatiewet uitzonderingstoestanden, bepalingen uit de Oorlogswet voor Nederland in werking zijn gesteld, regels vast te stellen inzake het verkeer op de weg, afwijkende van het bepaalde bij of krachtens deze wet en van provinciale en plaatselijke verordeningen, alsmede van de in het tweede lid bedoelde, bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde regels, voor zoveel dat door het gezag ter uitvoering van de militaire taak ter handhaving van de uitwendige of inwendige veiligheid nodig wordt geacht.

6.

Door de vorige leden wordt de gewone aansprakelijkheid uit andere wettelijke bepalingen voortvloeiende, niet opgeheven of verminderd.