Article 46
in forceREGISTRATION PROCEDURE
1. Within a period of three months following the publication of an EU trade mark application, notice of opposition to registration of the trade mark may be given on the grounds that it may not be registered under Article 8:
(a) by the proprietors of earlier trade marks referred to in Article 8(2) as well as licensees authorised by the proprietors of those trade marks, in respect of Article 8(1) and (5);
(b) by the proprietors of trade marks referred to in Article 8(3);
(c) by the proprietors of earlier marks or signs referred to in Article 8(4) and by persons authorised under the relevant national law to exercise these rights;
(d) by the persons authorised under the relevant Union legislation or national law to exercise the rights referred to in Article 8(6).
2. Notice of opposition to registration of the trade mark may also be given, subject to the conditions laid down in paragraph 1, in the event of the publication of an amended application in accordance with the second sentence of Article 49(2).
3. Opposition shall be expressed in writing, and shall specify the grounds on which it is made. It shall not be considered as duly entered until the opposition fee has been paid.
4. Within a period to be fixed by the Office, the opponent may submit facts, evidence and arguments in support of his case.
1. Binnen een termijn van drie maanden na de dag waarop de aanvraag voor een Uniemerk is gepubliceerd, kan tegen de inschrijving van dit merk oppositie worden ingesteld op grond van het feit dat de inschrijving van het merk krachtens artikel 8 moet worden geweigerd, en wel:
a) in de in artikel 8, leden 1 en 5, vermelde gevallen, door de houders van in artikel 8, lid 2, bedoelde oudere merken alsmede de door deze houders gemachtigde licentiehouders;
b) in de in artikel 8, lid 3, vermelde gevallen, door de houders van de daar bedoelde merken;
c) in de in artikel 8, lid 4, vermelde gevallen, door de houders van de daar bedoelde merken of tekens, alsook door degenen die op grond van de toepasselijke nationale wetgeving die rechten kunnen doen gelden;
d) door degenen die op grond van de toepasselijke Uniewetgeving of het toepasselijke nationale recht de in artikel 8, lid 6, bedoelde rechten mogen uitoefenen.
2. Tegen inschrijving van een merk kan overeenkomstig lid 1 ook oppositie worden ingesteld in geval van publicatie van een gewijzigde aanvraag als bedoeld in artikel 49, lid 2, tweede zin.
3. De oppositie wordt schriftelijk ingesteld en met redenen omkleed. De oppositie wordt pas geacht te zijn ingesteld nadat de oppositietaks is betaald.
4. Binnen een door het Bureau vast te stellen termijn kan de opposant tot staving van de oppositie feiten, bewijzen en argumenten aanvoeren.