Article 20
in forceTHE LAW RELATING TO TRADE MARKS
1. An EU trade mark may be transferred, separately from any transfer of the undertaking, in respect of some or all of the goods or services for which it is registered.
2. A transfer of the whole of the undertaking shall include the transfer of the EU trade mark except where, in accordance with the law governing the transfer, there is agreement to the contrary or circumstances clearly dictate otherwise. This provision shall apply to the contractual obligation to transfer the undertaking.
3. Without prejudice to paragraph 2, an assignment of the EU trade mark shall be made in writing and shall require the signature of the parties to the contract, except when it is a result of a judgment; otherwise it shall be void.
4. On request of one of the parties a transfer shall be entered in the Register and published.
5. An application for registration of a transfer shall contain information to identify the EU trade mark, the new proprietor, the goods and services to which the transfer relates, as well as documents duly establishing the transfer in accordance with paragraphs 2 and 3. The application may further contain, where applicable, information to identify the representative of the new proprietor.
6. The Commission shall adopt implementing acts specifying:
(a) the details to be contained in the application for registration of a transfer;
(b) the kind of documentation required to establish a transfer, taking account of the agreements given by the registered proprietor and the successor in title;
(c) the details of how to process applications for partial transfers, ensuring that the goods and services in the remaining registration and the new registration do not overlap and that a separate file, including a new registration number, is established for the new registration.
Those implementing acts shall be adopted in accordance with the examination procedure referred to in Article 207(2).
7. Where the conditions applicable to the registration of a transfer, as laid down in paragraphs 1, 2 and 3, or in the implementing acts referred to in paragraph 6, are not fulfilled, the Office shall notify the applicant of the deficiencies. If the deficiencies are not remedied within a period to be specified by the Office, it shall reject the application for registration of the transfer.
8. A single application for registration of a transfer may be submitted for two or more trade marks, provided that the registered proprietor and the successor in title are the same in each case.
9. Paragraphs 5 to 8 shall also apply to applications for EU trade marks.
10. In the case of a partial transfer, any application made by the original proprietor pending with regard to the original registration shall be deemed to be pending with regard to the remaining registration and the new registration. Where such application is subject to the payment of fees and those fees have been paid by the original proprietor, the new proprietor shall not be liable to pay any additional fees with regard to such application.
11. As long as the transfer has not been entered in the Register, the successor in title may not invoke the rights arising from the registration of the EU trade mark.
12. Where there are time limits to be observed vis-à-vis the Office, the successor in title may make the corresponding statements to the Office once the request for registration of the transfer has been received by the Office.
13. All documents which require notification to the proprietor of the EU trade mark in accordance with Article 98 shall be addressed to the person registered as proprietor.
1. Het Uniemerk kan onafhankelijk van de onderneming overgaan voor alle of een deel van de waren of diensten waarvoor het ingeschreven is.
2. De overdracht van een onderneming in haar geheel houdt in dat ook het Uniemerk overgaat, tenzij krachtens de op de overdracht toepasselijke wetgeving iets anders overeengekomen is of duidelijk uit de omstandigheden blijkt. Deze bepaling is van toepassing op de verbintenis uit een overeenkomst tot overdracht van de onderneming.
3. Onverminderd lid 2, geschiedt overgang van het Uniemerk, tenzij zij het gevolg is van een rechterlijke uitspraak, bij een door de partijen bij de overeenkomst ondertekende akte; bij gebreke daarvan is de overgang nietig.
4. Op verzoek van een der partijen wordt de overgang ingeschreven in het register en gepubliceerd.
5. De aanvraag om inschrijving van een overgang bevat informatie ter identificatie van het Uniemerk, de nieuwe houder, de waren en diensten waarop de overgang betrekking heeft, alsmede de documenten die genoegzaam het bewijs leveren van de overgang overeenkomstig de leden 2 en 3. Voorts kan de aanvraag in voorkomend geval informatie bevatten om de vertegenwoordiger van de nieuwe houder te identificeren.
6. De Commissie stelt uitvoeringshandelingen vast met betrekking tot:
a) de nadere gegevens die moeten worden opgenomen in de aanvraag om inschrijving van een overgang;
b) het voor een overgang vereiste soort documentatie, met inachtneming van de toestemming van de ingeschreven merkhouder en de rechtsopvolger;
c) de bijzonderheden betreffende het verwerken van aanvragen voor gedeeltelijke overgang, waarbij wordt gewaarborgd dat de waren en diensten in de overgebleven inschrijving en de nieuwe inschrijving niet overlappen, en dat voor de nieuwe inschrijving een afzonderlijk bestand, met inbegrip van een nieuw inschrijvingsnummer, wordt aangemaakt.
Die uitvoeringshandelingen worden vastgesteld volgens de in artikel 207, lid 2, bedoelde onderzoeksprocedure.
7. Wanneer niet is voldaan aan de voorwaarden voor de inschrijving van een overgang, zoals neergelegd in de leden 1, 2 en 3 of in de in lid 6 bedoelde uitvoeringshandeling, stelt het Bureau de aanvrager in kennis van de gebreken. Indien de gebreken niet binnen een door het Bureau te stellen termijn zijn verholpen, wijst het Bureau de aanvraag om inschrijving van de overgang af.
8. Indien in elk der gevallen de ingeschreven merkhouder en de rechtsopvolger dezelfde zijn, kan voor twee of meer merken één enkele aanvraag om inschrijving van een overgang worden ingediend.
9. De leden 5 tot en met 8 zijn ook van toepassing op aanvragen voor een Uniemerk.
10. In geval van gedeeltelijke overgang wordt elke door de oorspronkelijke merkhouder ingediende aanvraag die met betrekking tot de oorspronkelijke inschrijving nog hangende is, geacht hangende te zijn ten aanzien van de overgebleven inschrijving en de nieuwe inschrijving. Wanneer voor die aanvraag een taks moet worden betaald en de oorspronkelijke merkhouder de taks heeft voldaan, is de nieuwe merkhouder niet gehouden enige aanvullende taks te betalen met betrekking tot die aanvraag.
11. Zolang de overgang niet in het register is ingeschreven, mag de rechtverkrijgende zich niet op de uit de inschrijving van het Uniemerk voortvloeiende rechten beroepen.
12. Indien tegenover het Bureau bepaalde termijnen in acht moeten worden genomen, mag de rechtverkrijgende de betrokken verklaringen tegenover het Bureau afleggen wanneer het verzoek om inschrijving van de overgang door het Bureau is ontvangen.
13. Alle documenten waarvan overeenkomstig artikel 98 aan de houder van het Uniemerk kennis moet worden gegeven, worden gezonden aan degene die als merkhouder ingeschreven staat.