Article 42
in forceSTRUCTURE OF THE SCE
1. The administrative organ shall manage the SCE and shall represent it in dealings with third parties and in legal proceedings. A Member State may provide that a managing director shall be responsible for the current management under the same conditions as for cooperatives that have registered offices within that Member State's territory.
2. The number of members of the administrative organ or the rules for determining it shall be laid down in the statutes of the SCE. However, a Member State may set a minimum and, where necessary, a maximum number of members. Of the members of the administrative organ, not more than one quarter of the posts available may be filled by non-user members.
The administrative organ shall, however, consist of at least three members where employee participation is regulated in accordance with Directive 2003/72/EC.
3. The members of the administrative organ, and, where the statutes so provide, their alternate members, shall be appointed by the general meeting. The members of the first administrative organ may, however, be appointed by the statutes. This shall apply without prejudice to any employee participation arrangements determined pursuant to Directive 2003/72/EC.
4. Where no provision is made for a one-tier system in relation to cooperatives with registered offices within its territory, a Member State may adopt the appropriate measures in relation to SCEs.
1. Het bestuursorgaan bestuurt de SCE, verbindt haar jegens derden en vertegenwoordigt haar in rechte. Een lidstaat kan voorschrijven dat een lid van het bestuursorgaan onder eigen verantwoordelijkheid belast is met de dagelijkse leiding, onder dezelfde voorwaarden als die welke gelden voor coöperaties met statutaire zetel op het grondgebied van die lidstaat.
2. Het aantal leden van het bestuursorgaan, of de regels voor de vaststelling van dat aantal, worden bepaald in de statuten van de SCE. Een lidstaat kan evenwel een minimumaantal en, in voorkomend geval, een maximumaantal leden voorschrijven. Het bestuursorgaan mag onder zijn leden voor ten hoogste een vierde van het aantal beschikbare posten niet-gebruikende leden tellen.
Dit orgaan moet echter ten minste uit drie leden bestaan wanneer de medezeggenschap van de werknemers in de SCE overeenkomstig Richtlijn 2003/72/EG is geregeld.
3. De leden van het bestuursorgaan, en indien de statuten zulks bepalen, hun plaatsvervangers, worden door de algemene vergadering benoemd. De leden van het eerste bestuursorgaan kunnen echter in de statuten worden aangewezen. Deze bepalingen gelden onverminderd enige regelingen met betrekking tot de rol van de werknemers die worden vastgesteld op grond van Richtlijn 2003/72/EG.
4. Wanneer er in een lidstaat niet voorzien is in een monistisch stelsel voor coöperaties met statutaire zetel op zijn grondgebied, kan die lidstaat passende maatregelen met betrekking tot SCE's vaststellen.