Article 29
in forceFORMATION
1. The legality of a merger shall be scrutinised, as regards the part of the procedure concerning each merging cooperative, in accordance with the law of the Member State to which the merging cooperative is subject that apply to mergers of cooperatives and, failing that, the provisions applicable to internal mergers of public limited companies under the law of that State.
2. In each Member State concerned the court, notary or other competent authority shall issue a certificate attesting to the completion of the pre-merger acts and formalities.
3. If the law of a Member State to which a merging cooperative is subject provides for a procedure to scrutinise and amend the share-exchange ratio, or a procedure to compensate minority members, without preventing the registration of the merger, such procedures shall apply only if the other merging cooperatives situated in Member States which do not provide for such procedure explicitly accept, when approving the draft terms of the merger in accordance with Article 27(1), the possibility for the members of that merging cooperative to have recourse to such procedure. In such cases, the court, notary or other competent authorities may issue the certificate referred to in paragraph 2 even if such a procedure has been started. The certificate must, however, indicate that the procedure is pending. The decision in the procedure shall be binding on the acquiring cooperative and all its members.
1. Het toezicht op de rechtmatigheid van de fusie wordt, wat betreft het gedeelte van de procedure dat betrekking heeft op elke fuserende coöperatie, uitgeoefend overeenkomstig de wetgeving inzake fusie van coöperaties van de lidstaat waaronder de fuserende coöperatie ressorteert, en bij gebreke hiervan, de wettelijke voorschriften betreffende nationale fusies van naamloze vennootschappen van deze lidstaat.
2. In elke betrokken lidstaat geeft de rechter, de notaris of een andere bevoegde instantie een attest af waaruit blijkt dat de aan de fusie voorafgaande handelingen en formaliteiten zijn verricht.
3. Indien de wetgeving van een lidstaat waaronder een fuserende coöperatie ressorteert, voorziet in een procedure om de ruilverhouding van de aandelen te controleren en te wijzigen, of een procedure ter compensatie van minderheidsleden, zonder dat de inschrijving van de fusie wordt verhinderd, gelden dergelijke procedures alleen indien de andere fuserende coöperaties uit lidstaten waar niet in dergelijke procedures is voorzien, bij de goedkeuring van het fusievoorstel overeenkomstig artikel 27, lid 1, uitdrukkelijk de mogelijkheid aanvaarden dat op een dergelijke procedure een beroep wordt gedaan. In een dergelijk geval kan de rechter, de notaris of een andere bevoegde instantie het in lid 2 bedoelde attest afgeven, ook indien de procedure reeds is ingeleid. In het attest moet evenwel vermeld zijn dat de procedure aanhangig is gemaakt. De in de procedure gegeven beslissing bindt de overnemende coöperatie en al haar leden.