Paragraph C9/10
in forceThe asylum policy with respect to Colombia · Country-specific policy
10.1 Decision moratorium
No particulars.
10.2 Article 1F Refugee Convention
No specific details.
10.3 Persecution within the meaning of the Refugee Convention (Article 13 Qualification Regulation)
10.3.1 Group persecution within the meaning of paragraph C3/3.2.3 Vc
No specific details.
10.3.2 Risk profiles within the meaning of paragraph C3/2.4 Vc
No specific details.
10.4 Serious harm within the meaning of Article 29a, paragraph 1, of the Aliens Act (Vreemdelingenwet) (Article 18 of the Qualification Directive)
10.4.1 Serious harm within the meaning of Article 29a, paragraph 1, Vw and Article 15, opening words and under a and b, of the Qualification Regulation, as referred to in paragraph C3/3.3.2 Vc
10.4.1.1 Systematic exposure within the meaning of paragraph C3/3.3.2.1 Vc
No particulars.
10.4.1.2 Risk profiles within the meaning of paragraph C3/2.4 Vc
No particulars.
10.4.2 Serious harm within the meaning of Article 29a, paragraph 1, Vw and Article 15, opening words and point (c), of the Qualification Regulation, as referred to in paragraph C3/3.3.3 Vc
The IND assumes for Colombia that there is a relatively lower level of indiscriminate violence in the departments of Antioquia, Arauca, Bolivar, Cauca, Choco, Magdalena, Valle del Cauca, Nariño, and Putumayo.
10.5 Protection
10.5.1 Protection by authorities and/or international organisations within the meaning of paragraph C3/3.4.1 Vc (Article 7 Qualification Regulation)
The IND assumes that it is generally possible for a Colombian foreign national to obtain protection from the authorities and/or international organisations.
For the following categories, the IND assumes that it is not possible to obtain protection from the authorities or international organisations:
women who have demonstrated that they have reason to fear gender-based violence; and
transgender persons
10.5.2 Internal protection alternative within the meaning of paragraph C3/3.4.2 Vc (Article 8 Qualification Directive)
The IND generally assumes an internal protection alternative with regard to Colombia.
The IND assumes that no internal protection alternative is available for persons who have demonstrated that they have a well-founded fear of persecution or run a real risk of serious harm by:
the central government; or
(armed) groups operating nationwide.
10.6 Adequate reception of unaccompanied minor foreign nationals
The IND assesses on the basis of paragraph B8/6 Vc whether adequate reception for unaccompanied minor aliens (amv’s) is available.
In the case of Colombia, it applies in any event that general reception facilities are not available and/or adequate.
Notwithstanding the aforementioned starting point, it may be established in a given case – after investigation – that adequate reception is available and can be realised.
10.7 Departure moratorium
No particulars.
10.1 Besluitmoratorium
Geen bijzonderheden.
10.2 Artikel 1F Vluchtelingenverdrag
Geen bijzonderheden.
10.3 Vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag (artikel 13 Kwalificatieverordening)
10.3.1 Groepsvervolging in de zin van paragraaf C3/3.2.3 Vc
Geen bijzonderheden.
10.3.2 Risicoprofielen in de zin van paragraaf C3/2.4 Vc
Geen bijzonderheden.
10.4 Ernstige schade in de zin van artikel 29a, eerste lid, Vw (artikel 18 Kwalificatieverordening)
10.4.1 Ernstige schade in de zin van artikel 29a, eerste lid, Vw en artikel 15, aanhef en onder a en b, Kwalificatieverordening, als bedoeld in paragraaf C3/3.3.2 Vc
10.4.1.1 Systematische blootstelling in de zin van paragraaf C3/3.3.2.1 Vc
Geen bijzonderheden.
10.4.1.2 Risicoprofielen in de zin van paragraaf C3/2.4 Vc
Geen bijzonderheden.
10.4.2 Ernstige schade in de zin van artikel 29a, eerste lid, Vw en artikel 15, aanhef en onder c, Kwalificatieverordening, als bedoeld in paragraaf C3/3.3.3 Vc
De IND neemt voor Colombia aan dat sprake is van een relatief lager niveau van willekeurig geweld in de departementen Antioquia, Arauca, Bolivar, Cauca, Choco, Magdalena Valle del Cauca, Nariño en Putumayo.
10.5 Bescherming
10.5.1 Bescherming door autoriteiten en/of internationale organisaties in de zin van paragraaf C3/3.4.1 Vc (artikel 7 Kwalificatieverordening)
De IND neemt aan dat het voor een Colombiaanse vreemdeling in het algemeen mogelijk is de bescherming van de autoriteiten en/of internationale organisaties te verkrijgen.
Voor de volgende categorieën neemt de IND aan dat het niet mogelijk is de bescherming van de autoriteiten of internationale organisaties te verkrijgen:
vrouwen die aannemelijk hebben gemaakt dat zij te vrezen hebben voor gendergerelateerd geweld; en
transpersonen.
10.5.2 Binnenlands beschermingsalternatief in de zin van paragraaf C3/3.4.2 Vc (artikel 8 Kwalificatieverordening)
De IND neemt ten aanzien van Colombia in het algemeen een binnenlands beschermingsalternatief aan.
De IND neemt aan dat geen binnenlands beschermingsalternatief aanwezig is voor personen die aannemelijk hebben gemaakt dat zij een gegronde vrees voor vervolging hebben of een reëel risico lopen op ernstige schade door:
de centrale overheid; of
(gewapende) groeperingen die landelijk opereren.
10.6 Adequate opvang alleenstaande minderjarige vreemdelingen
De IND beoordeelt aan de hand van paragraaf B8/6 Vc of adequate opvang voor amv’s aanwezig is.
Voor Colombia geldt in ieder geval dat algemene opvangvoorzieningen niet beschikbaar en/of toereikend zijn.
Ondanks voornoemd uitgangspunt, kan in een voorkomend geval – na onderzoek – worden vastgesteld dat adequate opvang beschikbaar is en kan worden gerealiseerd.
10.7 Vertrekmoratorium
Geen bijzonderheden.