Article 3.18
in forceFrequenties
A permit shall be refused by Our Minister insofar as:
the granting thereof is contrary to the frequency plan,
an efficient use of frequency space so requires
a licence for the use of the frequency space requested in the application has already been granted, unless shared use of the frequency space is possible,
this is requested for the distribution of the programme offering in implementation of the public media remit, as referred to in Article 2.1 of the Media Act 2008, and the licence shall be granted in one of the manners as referred to in Article 3.10,
facts or circumstances which, in the opinion of Our Minister, indicate that the security of the State or public order may be endangered by the granting of the permit, or
the granting thereof would be in violation of the rules laid down by or pursuant to this Act, or by or pursuant to the Media Act 2008.
A permit may be refused by Our Minister insofar as:
a previously granted permit has been revoked due to a violation of rules established by or pursuant to this Act, or of the regulations and restrictions attached to the permit,
the applicant has not fulfilled the obligations incumbent upon him, arising from a permit previously granted to him,
by granting the permit to the applicant, effective competition in the relevant market would be significantly restricted, on the understanding that legitimate interests in the use of new technology are taken into account to a reasonable extent, or
There is a justified fear that the desired signal of the radio equipment used will cause impermissible interference in other radio equipment, receiving apparatus, or electrical or electronic devices.
Een vergunning wordt door Onze Minister geweigerd voor zover:
verlening daarvan in strijd is met het frequentieplan,
een doelmatig gebruik van frequentieruimte dit vordert,
reeds een vergunning voor het gebruik van de in de aanvraag gevraagde frequentieruimte is verleend, tenzij gedeeld gebruik van frequentieruimte mogelijk is,
deze is gevraagd voor het verspreiden van programma-aanbod ter uitvoering van de publieke mediaopdracht, bedoeld in artikel 2.1 van de Mediawet 2008, en de vergunning zal worden verleend op één van de wijzen als bedoeld in artikel 3.10,
feiten of omstandigheden er naar het oordeel van Onze Minister op duiden dat de veiligheid van de staat of de openbare orde door het verlenen van de vergunning in gevaar kan worden gebracht, of
verlening daarvan in strijd zou zijn met de bij of krachtens deze wet, dan wel bij of krachtens artikel 6.23 van de Mediawet 2008, gestelde regels.
Een vergunning kan door Onze Minister worden geweigerd voor zover:
een eerder verleende vergunning is ingetrokken wegens overtreding van bij of krachtens deze wet gestelde regels dan wel van de aan de vergunning verbonden voorschriften en beperkingen,
de aanvrager niet heeft voldaan aan op hem rustende verplichtingen, voortvloeiend uit een eerder aan hem verleende vergunning,
door het verlenen van de vergunning aan de aanvrager de daadwerkelijke mededinging op de relevante markt in aanzienlijke mate zou worden beperkt, met dien verstande dat naar redelijkheid rekening wordt gehouden met gerechtvaardigde belangen bij het gebruik van nieuwe technologie, of
de vrees is gewettigd dat door het gewenste signaal van de gebruikte radioapparaten ontoelaatbare belemmeringen worden veroorzaakt in andere radioapparaten, ontvanginrichtingen of elektrische of elektronische inrichtingen.