Dutch Legislation

Article 35a

in force

SUPERVISION OF TELEPHONE CONVERSATIONS

TBS Care Regulation · Chapter 10a · In force since 2022-01-01

Source
1.

Telephone conversations that are recorded in connection with the supervision referred to in Article 38, paragraph 2, of the Act shall be retained for a period of no more than four months.

2.

Upon the expiration of the period referred to in the first paragraph, a recorded telephone conversation shall be erased.

3.

If, during the exercise of supervision, it appears that a telephone conversation with a person as referred to in Article 36, paragraph 1, of the Act has been recorded, this recorded conversation shall be erased immediately.

4.

The person being cared for shall be informed of the recording of telephone traffic.

5.

Recorded telephone conversations shall only be provided to third parties who are authorised to take cognisance thereof pursuant to the performance of tasks assigned to them by or by virtue of the law.

6.

The provision, as referred to in the fifth paragraph, may only take place in connection with:

a.

the protection of society against the danger posed by the person being nursed to the safety of others than the person being nursed or the general safety of persons or property;

b.

the maintenance of order or security within the institution;

c.

the protection of victims of, or other persons involved in, criminal offences;

d.

the prevention or detection of criminal offences.

1.

Telefoongesprekken die in verband met het toezicht, bedoeld in artikel 38, tweede lid, van de wet worden opgenomen, worden bewaard voor een periode van ten hoogste vier maanden.

2.

Na het verstrijken van de periode, genoemd in het eerste lid, wordt een opgenomen telefoongesprek gewist.

3.

Indien bij de uitoefening van het toezicht blijkt dat een telefoongesprek met een persoon als bedoeld in artikel 36, eerste lid, van de wet is opgenomen, wordt dit opgenomen gesprek terstond gewist.

4.

De verpleegde wordt van het opnemen van het telefoonverkeer op de hoogte gesteld.

5.

Opgenomen telefoongesprekken worden slechts verstrekt aan derden die ingevolge de uitvoering van hen bij of krachtens de wet opgedragen taken, tot kennisneming daarvan bevoegd zijn.

6.

De verstrekking, bedoeld in het vijfde lid, kan slechts geschieden in verband met:

a.

de bescherming van de maatschappij tegen de gevaarlijkheid van de verpleegde voor de veiligheid van anderen dan de verpleegde of de algemene veiligheid van personen of goederen;

b.

de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting;

c.

de bescherming van slachtoffers van of anderszins betrokkenen bij misdrijven;

d.

de voorkoming of opsporing van strafbare feiten.