Article 23a
in forceSupervision of conversations
Telephone conversations that are recorded in connection with the supervision referred to in Article 39, paragraph 2, of the Act shall be retained for a period of no more than four months.
Upon the expiry of the period referred to in the first paragraph, a recorded telephone conversation shall be erased.
If, during the exercise of supervision, it appears that a telephone conversation with a person as referred to in Article 37, paragraph 1, of the Act has been recorded, this recorded conversation shall be erased immediately.
The detainee shall be informed of the recording of telephone communications.
Recorded telephone conversations shall only be provided to third parties who are authorised to take cognisance thereof pursuant to the performance of tasks assigned to them by or by virtue of the law.
The provision, as referred to in the fifth paragraph, may only take place in connection with:
the maintenance of order or security within the institution;
the protection of public order or national security;
the prevention or detection of criminal offences;
the protection of victims of or other persons involved in criminal offences.
Telefoongesprekken die in verband met het toezicht, bedoeld in artikel 39, tweede lid, van de wet worden opgenomen, worden bewaard voor een periode van ten hoogste vier maanden.
Na het verstrijken van de periode, genoemd in het eerste lid, wordt een opgenomen telefoongesprek gewist.
Indien bij de uitoefening van het toezicht blijkt dat een telefoongesprek met een persoon als bedoeld in artikel 37, eerste lid, van de wet is opgenomen, wordt dit opgenomen gesprek terstond gewist.
De gedetineerde wordt van het opnemen van het telefoonverkeer op de hoogte gesteld.
Opgenomen telefoongesprekken worden slechts verstrekt aan derden die ingevolge de uitvoering van hen bij of krachtens de wet opgedragen taken, tot kennisneming daarvan bevoegd zijn.
De verstrekking, bedoeld in het vijfde lid, kan slechts geschieden in verband met:
de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting;
de bescherming van de openbare orde of nationale veiligheid;
de voorkoming of opsporing van strafbare feiten;
de bescherming van slachtoffers van of anderszins betrokkenen bij misdrijven.